2 maart 2008

nieuwe weblog

Omdat ik al een poosje geen PvdA-er meer ben, maar lid ben van D66 ga ik verder op de volgende weblog:

http://gerbrandkranendonk.wordpress.com/

Ik zal, als ik nog een neiging heb om te reageren op de politieke toestand in Amsterdam Zuidoost, dit doen als burger.

Dat zal ik blijven doen op:

http://kritischeledenpvda.web-log.nl/kritische_burgers_in_zuid

Deze weblog zal een stille dood sterven.

1 maart 2008

zeggen wat je denkt

Jerney Kaagman noemde Nathalie een zwarte muts.

Nou en, zou je denken. Ik word ook wel eens uitgescholden. Een muts is een muts. En als ze zwart is dan is ze een zwarte muts. En wie is Jerney eigenlijk? Dat blijkt een jurylid te zijn van Idols, een televisieprogramma waar je toch nooit naar kijkt. Kortom, niets aan de hand.

Maar een wakker gemeenteraadslid in Amsterdam, Jerry Straub, ziet een voorbeeldfunctie van Jerney. Jerney waakt bovendien in haar beroep over de belangen van zowel witte als zwarte muzikanten. Dus had zij zorgvuldiger haar woorden moeten kiezen.

Dat verandert de zaak. Jerry krijgt landelijke media-aandacht omdat de journalist van tegenwoordig vooral bezig is berichten over te schrijven. Jerney wordt gevraagd om een reactie en ziet zelf in, bij nader inzien, dat haar woorden geheel verkeerd worden uitgelegd en opgevat. Zij biedt haar excuses aan en voila, wederom niets aan de hand, zou je zeggen.

Alleen worden in de reacties op het bericht van Jerry drie groepen reageerders zichtbaar.

De eerste groep zijn de mensen die menen dat, zodra er gesproken wordt over "zwarten" in een niet louter positieve context,  er ALTIJD sprake is van discriminatie. Deze reageerders halen meteen het slavernijverleden, de discriminatie bij de discotheken van Marokkaanse jongeren, de achterstelling in salarissen van allochtone (excuus excuus voor het gebruik van het woord "allochtoon") werknemers en het koloniale verleden van Nederland aan.

De tweede groep is de groep Wilders-aanhangers. Die zeggen wat ze willen zeggen. Namelijk dat volgens hen alles de schuld is van de buitenlanders. Boerka's, witte hoer, agressie tegen homo's, thee drinken, de gebruikelijke riedel.

De derde groep zijn de reageerders die daartussen in positie proberen te kiezen. Het wordt namelijk wel erg breed uitgemeten die ene uitlating van Jerney, die zij niet bedoelde als diskwalificatie van Nathalie als afro-Nederlander (is dat beter dan "allochtoon"? ik voel mij zo ongelooflijk politiek correct nu) of van afro-Nederlanders in het algemeen. Maar aan de andere kant zien zij ook dat er een flinke portie xenofobie door Nederland raast, die keer op keer de internetfora bevuilen met racistische taal. Die zien ook dat dit xenofobisch beest maar een lichte prikkel nodig heeft, om tot razernij te komen.

Kortom, ik heb dan bij nader inzien toch wel enig begrip voor Jerry. Maar ik blijf vinden dat mensen moeten kunnen zeggen wat ze denken. Hooguit diskwalificeren zij zichzelf en sluiten zij zichzelf uit voor discussie, maar dat blijft hun goed recht.

Het is voor een ieder om voor zichzelf bepaalde fatsoensnormen in acht te nemen. Dat moet iedereen zelf kunnen uitmaken en dat moet niet van bovenop opgelegd kunnen worden. Dat zou namelijk het begin van een censuur zijn en dat leidt tot het einde van de Nederlandse rechtstaat. Het billijken van het groffe taalgebruik op het internet en op de radio versterkt juist de rechtstaat omdat het velen een uitlaatklep verschaft. Het in acht nemen van bepaalde fatsoensnormen is de verantwoordelijkheid van ieder individu. De oproep van bepaalde politici tot het in acht nemen van bepaalde fatsoensnormen moet dan ook geschieden als een advies van burger tot burger. Een ingezonden brief in de krant was dan ook meer op zijn plaats geweest dan de uiting van verontrusting op een politiek forum die Jerry Straub als politicus deed. 

Geert Wilders, de onbegrepen leider

Kunnen zeggen wat je denkt? Meestal zeg je niet wat je werkelijk denkt, ook omdat je er van uitgaat dat je werkt vanuit premissen die eerst nog getoetst moeten worden aan de werkelijkheid. Conclusies trek je immers pas nadat je stelling bewezen is. Dat klinkt heel erg wetenschappelijk, maar verklaart wel waarom verstandige mensen normaal gesproken eerst luisteren en dan pas conclusies trekken.

Niet Geert Wilders. Hij heeft zijn conclusies al lang klaar. Vanuit zijn ongeduld en jarenlange isolement (eerst in de VVD-fractie als ondergewaardeerde woordvoerder, later door zijn positie als eenzaam kamerlid en zijn noodgedwongen beveiliging) is zijn wereldbeeld er één van zelfverdediging. Hij komt op voor wat hij meent te moeten denken, om zijn eigen positie te kunnen verdedigen.

Zijn positie als lijsttrekker en fractieleider, zijn positie als roepende in de woestijn, zijn positie als eenzame leider van het Nederlandse volk. Hij kan niet anders dan luid schreeuwend van zich af te bijten. Begrip voor moslims zou voor hem een overgave betekenen, zou zijn leiderschap ontkrachten en zou hem dwingen de ogen te openen voor zijn eigen eenzaamheid.

En wellicht dat hij zijn eigen isolement en eenzame gevecht af en toe onder ogen ziet. Dat verklaart zijn verbetenheid en woede. Omdat hij blijkbaar de schuld van zijn isolement bij al die anderen neerlegt. Namelijk degenen die hem niet voor vol aanzien. Degenen die in hem geen leider zien.

Eigenlijk wil Geert Wilders zelf Mohammed zijn. Een man die zijn leven geeft voor een betere wereld. In wie mensen geloven.  Maar hij wordt niet erkend als profeet. Dat steekt hem meer en meer. Waardoor hij steeds meer wilt bewijzen dat hij wél de leider is op wie Nederland zit te wachten.

29 februari 2008

hullie en ons

Halverwege de jaren negentig merkte ik, terug op bezoek in Amsterdam, dat er voor het eerst in tijden iets echt, iets serieus aan het veranderen was. Wie telkens na ruime tussenpozen terugkeert voelt zoiets, seismologisch en zo. Vóór circa 1995 was alles maar een beetje bij het oude gebleven, het sukkelde een decennium matjes verder. Maar ineens, binnen een jaar of wat, was het anders.

Wat precies? Je wist het niet. De toon, de sfeer. Een oude huid werd afgestroopt, maar welk nieuw beest het oude beest aan het opvolgen was zag je nog niet duidelijk.

Ik ben ervan overtuigd dat "11 september" niet uit de lucht is komen vallen. "11 september" was niet het omineuze keerpunt, de blikseminslag. Het was wel een katalysator. Het kon daarna ook prachtig het symbool worden voor alles wat al gaande was. "11 september" zorgde ervoor dat iedereen hardop ging praten over de sluimerende onrust, over de heimelijke gedaanteverwisseling, dat alle onuitgesprokenheden een naam kregen.

De toon was verhard en de verharding werd de nieuwe grondtoon.
Fluisterwoorden werden fiere houdingen en de fiere houdingen werden instituten. Plotseling, oprijzend, als een onontkoombare dondergod tegen de hemel stond-ie daar dan, de vader van alle gedachten: de tegenstelling tussen hullie en ons.

Hullie daar en ons hier.
'Hullie' moest daarna nodig worden vormgegeven. Hullie kwam tot stand in alle mengvormen van fundamentalisme, terrorisme, mohammedanisme, hoofddoekjes, lieverkoekjes. Er wordt nog altijd druk aan gewerkt.
'Ons' hield op een taboewoord te zijn. Maar wie is ons? Daar werd en wordt al even voortvarend aan gewerkt. Vaderland, identiteit, canon, een zuiver ras, waterpas.

Hullie en ons, het blijft bedenkelijk, daar hoef je de geschiedenis niet bij te halen. Deftige heren zouden zich niet moeten lenen voor een bijdrage aan zo'n ontplofbare constructie. Terug naar jullie cognacglas en vingerkom!

Gerrit Komrij,

21 februari 2008

28 februari 2008

Webmaster PvdA Amsterdam weg (1 april?)

Weggaan is een beetje doodgaan.
Enige overdrijving is mij niet vreemd. En toch. Zo voelt het wel. Vanaf 1 april hoor ik er niet meer bij. Dan werk ik niet meer voor de PvdA fractie.Dan heb ik mijn codes, mijn sleutels en mijn pasjes ingeleverd en ben ik vrij man.
Eind december knalde er iets.
Ik schreef samen met Job van Amerongen en Eddy Terstall een opiniestuk: 'Schiet niet op de boodschapper' Dat deed het fractiebureau wel. Het is jullie niet ontgaan. Ineens stond ik niet meer comfortabel aan de zijlijn (te roepen), maar zat ik midden in een storm. Een affaire kreeg mijn naam mee. Mijn ontslag haalde alle kranten. Op sommige websites was het een strijd tussen een arme jonge pappa die (vlak voor kerst) op straat was gezet en een rooie Pol Pot op een bakfiets, Manon van der Garde. Beide typeringen kloppen niet. Ik was niet zielig. Ik had immers zelf de knuppel in het hoenderhok gegooid en wist dus dat de hennetjes op zouden vliegen. Tegelijk moet ik zeggen dat Manon mij al die jaren de ruimte gegeven heeft. Soms met gekromde tenen. Soms een beetje morrend. Maar eigenlijk heeft ze in al die jaren nooit iets over mijn columns gezegd. Er was sprake van een stroeve verstandhouding. Dat is waar. Maar ik heb nooit iets van mijn vrijheid hoeven inleveren. En dat mag ook wel eens gezegd worden.
Ik heb bijna acht jaar voor voor de PvdA gewerkt. Dan ben je toch een meubelstuk. Maar nu is de tijd gekomen dat ik mijn leunstoel ergens anders neerzet. Op dit moment wordt er nog gesproken over een eventuele samenwerking in een andere vorm, zodat ik toch nog betrokken blijf. Hierover zal binnenkort duidelijkheid komen.
De ondertekening van 'liefdevol lid' is gemeend. Ik hou van die partij. Die partij die soms zwalkt. Die partij die soms pijn doet aan je ogen. Maar toch de enige partij waar ik de liefde mee wil bedrijven.
Wij komen elkaar ongetwijfeld tegen. Somewhere someday. Zoals gezegd: ik blijf waarschijnlijk in de buurt en zal de boel scherp houden. T.z.t. zal ik melden wie mijn opvolger is of wie de contactpersoon voor de website en de nieuwsbrieven is. Deze maand wordt daarnaar gezocht.
Rest mij alleen nog een kort dankwoordje: dank.
En een zeer vrolijke groet,
Marcel Duyvestijn

Paloma Teksten

27 februari 2008

Maak Nederland homovriendelijker

Oproep in Volkskrant: Maak Nederland homovriendelijker

In de Volkskrant van 27 februari 2008 verscheen dit opinieartikel waarin wordt opgeroepen tot een versterking van de positie van homo's en lesbiennes. Het artikel kwam tot stand op initiatief van d66-kamerlid Boris van der Ham.

MAAK NEDERLAND HOMOVRIENDELIJKER

Deze week wordt er gesproken over de nota 'Gewoon homo zijn' van minister Plasterk. Het is goed dat dit onderwerp op deze integrale wijze is opgepakt. Toch ontbreken er in de nota een aantal cruciale elementen. Tijdens het debat in de Tweede Kamer verdienen die om opgepakt te worden.

Wat betreft homo-emancipatie heeft Nederland veel om trots op te zijn. Het burgerlijk huwelijk is opengesteld voor partners van gelijk geslacht, homoparen kunnen een kind adopteren en een grote meerderheid van de Nederlanders zegt homoseksualiteit als bestaanswijze te accepteren. Toch is er ook een andere kant. Het gevoel van onveiligheid onder homo's en lesbiennes is de afgelopen jaren toegenomen en de homotolerantie onder bepaalde groepen allochtonen en autochtonen is nog steeds te laag. Bovendien is het voor jongeren nog steeds moeilijk om op school of bij sportverenigingen openlijk voor hun geaardheid uit te komen. De regering moet daarom fors inzetten om homofoob-gerelateerd geweld beter te registreren en te bestraffen, gebiedsverboden in te stellen voor daders en scholen bij te staan in het geven van voorlichting.

Maar ook binnen de wetgeving is er nog veel te overwinnen. Zo verdienen adoptierechten voor homo's en lesbiennes blijvende aandacht, zoals het lesbisch meemoederschap. Nu dient de niet-biologische moeder van het stel het kind te adopteren, wat veel tijd en geld kost. Bovendien ontstaan er grote problemen met de rechtszekerheid van kinderen wanneer in de tussentijd de biologische of niet-biologische moeder komt te overlijden. Deze wetten moeten spoedig worden gemoderniseerd.

Een veel ernstiger tekortkoming in onze wetgeving vormen de huidige discriminatiebepalingen in de Algemene Wet Gelijke Behandeling. Die wet maakt het mogelijk voor het religieuze onderwijs om personen die openlijk voor hun geaardheid uitkomen te weigeren. Bovendien wordt in orthodox-christelijke kringen schoorvoetend gepoogd om homoseksualiteit bespreekbaar te maken, maar dat wringt dan des te meer met de sanctie die kan komen te staan op openheid hierover binnen een baan. Beide redenen genoeg om de wet aan te passen.

Tenslotte pleiten we voor een nog fundamentelere stap. De regering heeft in zijn beleidsprogramma aangekondigd te komen tot een herziening van de Grondwet. In dat kader pleiten wij er voor dat in artikel 1 van de grondwet homoseksuele gerichtheid als non-discriminatiegrond moet worden opgenomen. Instanties als de Commissie Gelijke Behandeling en het COC-Nederland pleiten hier al jaren voor en twee jaar geleden sloot ook het Sociaal en Cultureel Planbureau zich hierbij aan. Sinds de laatste Grondwetherziening in 1983 luidt artikel 1 als volgt: "Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan." Wij stellen voor om hier aan toe te voegen "hetero- of homoseksuele gerichtheid".

De grondwet heeft de afgelopen jaren een steeds sterkere rol gekregen als maatschappelijk baken in het publieke debat. Het opnemen van deze non-discriminatiegrond zal een sterke en blijvende impuls zijn voor homo-emancipatie. Naast symbolische waarde heeft opneming ook een juridisch effect. In 2006 stelde de 'Commissie rechtsgevolgen non-discriminatiegronden Artikel 1 Grondwet' dat expliciete benoeming in de grondwet positieve gevolgen kan hebben voor meer rechtsbescherming van homoseksuelen. Dat die bescherming nog niet vanzelfsprekend is blijkt wel uit het debat over de zogenaamde ´weigerambtenaren´; ambtenaren die weigeren huwelijken te sluiten van mensen van het gelijke geslacht. In ons huidige tijdsgewricht zou het niet geaccepteerd worden als een ambtenaar een huwelijk zou weigeren vanwege de religieuze of raciale oorsprong van de huwelijkskandidaten, maar waarom dan wel bij mensen van het gelijke geslacht? Gelovigen, mensen met een andere huidskleur en homoseksuelen, allen moeten zich in gelijke mate door artikel 1 beschermd weten en voelen.

Nederland is de afgelopen decennia in de wereld een voorbeeld geweest wat betreft homo-emancipatie. Alleen al om die reden heeft Nederland de morele opdracht om niet achterover te leunen, maar voort te gaan in het verbeteren van de positie van homo´s en lesbiennes.

Boris van der Ham (Tweede Kamerlid D66)
Geert Dales (Voorzitter College van Bestuur Hogeschool InHolland)
Claudia de Breij (cabaretière)
Johan Kenkhuis (voormalig Olympisch medaillewinnaar zwemmen)
Erwin Olaf (fotograaf)
Henk Krol (hoofdredacteur Gaykrant)
Ria van Oosten, (hoofdredacteur Zij aan Zij)
Tom Brouwers (voorzitter Homojongerenplatform)

15 februari 2008

corrosie van de rechtstaat

corrosie van de rechtstaat

Om een goedwerkende overheid te hebben, dienen de volgende beginselen in acht te worden genomen:
a. Het legaliteitsbeginsel
b. Grondrechten
c. Rechterlijke controle
d. Machtenscheiding
e. Democratie

Nu wil ik aanvoeren, dat onder andere bouwfraude, maar ook de nevenfuncties die (ex-) politici naast hun functie uitoefenen, er op duiden dat er iets mis is met het overheidsoptreden. (Hans Alders oefende als commissaris van de koningin 25 nevenfuncties uit, waarvan 13 niet functiegerelateerd)
De hoeveelheid aan nevenfuncties, die onbetwistbaar aanduiden dat de functie van een commissaris van de Koningin vooral een ceremoniële functie is met weinig tot geen politieke inhoud, duiden op aantasting van de beginselen der Machtenscheiding en Democratie.
Want de functies werden niet in het openbaar prijsgegeven, wat er tot gevolg kan hebben dat er sprake is van belangenverstrengeling, aangezien er geen controle van bovenaf wordt uitgeoefend zoals de minister van Binnenlandse Zaken heeft toegegeven. Dit kan leiden tot misbruik van bevoegdheden. Bovendien is de Commissaris van de Koningin blijkbaar een koning op zijn eiland, want geen van de democratisch gekozen organen maakt zich op dit punt klaarblijkelijk druk over het ontbreken van een politieke verantwoordingsplicht.

Nu vrees ik ook dat de meeste politici geen notie hebben van het staatsrecht, maar veel meer gespecialiseerd zijn in bepaalde sectoren van de Nederlandse samenleving en bepaalde belangengroeperingen. De democratisch gekozen vertegenwoordigers zijn dus zelf al voor een deel niet bezig met waarvoor hun functie primair bedoeld is, namelijk het controleren van de door of namens hen aangestelde bestuurders (Commissaris van de Koningin, Gedeputeerde Staten, Stadsdeelbestuur, Burgemeester en Wethouders), maar veel meer voor het bevechten van bepaalde voordelen voor hun eigen achterban.

Daarnaast speelt ook mee de cultuur waarin zaken besproken worden. Zoals gebruikelijk wordt het inhoudelijke debat voorbereid en uitgekauwd in commissies. Daarin zijn een bepaald ambtelijk taalgebruik en bepaalde fatsoensafspraken reden waarom ook volksvertegenwoordigers in feite een soort ambtenaren zijn geworden, die op uitvoeringsniveau bezig zijn zaken te regelen en te ordenen. De werkelijke beslissingen over keuzes die in het voortraject genomen moeten worden speelt zich grotendeels af buiten de schijnwerpers van het openbare debat, namelijk aan de tekentafels en boven de bureaus van ambtenaren. Het lukt de volksvertegenwoordigers steeds minder goed om een algemeen overzicht te bewaren over alle lopende grootstedelijke, infrastructurele en ruimtelijke projecten. Naast het feit dat volksvertegenwoordigers vooral zaken lopen te bevechten voor hun eigen achterban, is dit een tweede reden waarom volksvertegenwoordigers zich niet bezig houden met het reilen en zeilen van de rechtstaat: Zij hebben er gewoon geen zicht meer op. De volksvertegenwoordigers verzanden in hun controle op uitvoeringsniveau van omvangrijke projecten.

De bouwfraude en de niet openbaar prijsgegeven nevenfuncties van de Commissarissen van de Koningin tonen het volgende aan:

- De functie van Commissaris van de Koningin is een volstrekt overbodige ceremoniële functie;

- Provinciale Staten hebben geen notie of te weinig tijd of te weinig lef, in ieder geval te weinig inzicht, om hun bestuurders goed in de gaten te houden;

- De bouwfraude geeft aan dat er een enorme lacune is ten aanzien van het overzicht in de democratische controle van grote projecten;

- Volksvertegenwoordigers worden vooral uitgekozen op grond van hun betrouwbaarheid richting de eigen partij, en dus loyaliteit richting overheid, en verzanden dan vaak in de daaruit voortvloeiende ambtelijke houding;

- De rechtstreekse benoeming door de Koningin geeft aan dat de functie van Commissaris van de Koningin volstrekt uit de tijd is;

- Zoals het gehele democratische systeem aan corrosie onderhevig is door belangenbehartiging en interne partijdiscipline en dus goed geanalyseerd zou moeten worden (wat ook blijkt uit de diverse verkiezingsuitslagen), zou het instituut van de Provincie (en dus de Eerste Kamer) en in hoeverre dat nog leeft bij de bevolking (zie de opkomst bij de verkiezingen!), eens goed heroverwogen moeten worden.

THE BEST AWARD WINNER NICK BOLTE

Zijn naam doet denken aan een bekende filmacteur . Ik ken Nick Bolte van dichtbij. Als collega en mede projectleider van het project: Verzeker je Toekomst; een bestuurlijk samenwerkingsverband van het Hoger-en wetenschappelijk onderwijs met het basis- en voortgezet onderwijs in Amsterdam Zuidoost.Een succesvol en MODEL project overigens! Verzeker je toekomst was geen polis van een verzekeringsmaatschappij, maar een sociaal contract (in termen van Rouseau) met de nationale en lokale politiek. Een sociaal contract van onderwijspartners uit de civil society met de overheid om het onderwijs op een hoger plan te tillen en het marktsegement daarin actief te betrekken. Nick is inspirerend en zeer goed ontwikkeld en onderlegd. Hij onderbouwt altijd zijn bevindingen met steekhoudende argumentren. Hij is een architect, een opbouwwerker (pur sang) en is in staat zich tussen arm en rijk te begeven en te handhaven als intermediair; bruggenbouwer en sociaal ingenieur. Het NEUSJE VAN DE ZALM in de Rijn; altijd fris en monter! Deze man heb ik ooit een Surinaamse bijnaam gegeven: SAPAKARA! Metafoor voor een (slimme en geslepen) onderhandelaar en crisismanager die op het juiste moment toeslaat en doelbewust met zijn charme en intelligentie de buit binnen weten te halen. De Pvda kan zich geen betere kandidaat veroorloven dan Nick Bolte. Een man die in staat is de partij uit het dal te halen en glansrijk te leiden naar een hernieuwde Toekomst van politiek en tegenpolitiek in de Nederlandse democratie.

Ik heb gezegd, (zijn vriend/collega)
Carlo Mangnoesing

8 februari 2008

anonieme beschuldigingen MADI

Deze onderstaande beschuldigingen staan op het internet. Het is bekend dat MADI niet populair is. En dat veel mensen, die bij MADI aankloppen, zich op de één of andere manier benadeeld voelen. Maar dit bericht lijkt toch echt afkomstig van personeelsleden. Wat is er toch aan de hand bij MADI? En hoe gaat het met het verloop aan personeel? Is dit alleen directeur Hooi aan te rekenen, of juist de mensen die (al dan niet gedwongen) weg gingen? In hoeverre is portefeuillehouder Jude Kehla Wirnkar op de hoogte?
Lees onderstaande, vooralsnog niet verifieerbare beschuldiging:
_______________
Madi in de persoon van Hooi wilt zich onschuldig opstellen, terwijl Hooi de persoon is die gefraudeerd heeft. Zij was namelijk een jaar lang naast directeur zowel manager schuldhulpverlening als manager maatschappelijkwerk, hoe kan dit, zo kan je nooit optimaal functioneren!! Daarnaast heeft zij haar budget met 16000 euro overschreden. Dit bedrag moest natuurlijk ergens vandaan gehaald worden, dit gebeurde door de gelden van SSBNA aan te wenden om het gat te dichten. Zogenaamd bevroor zij de uitbetalingen aan klanten totdat een internonderzoek was geweest. Ook bepaalde zij dat de gelden teruggestort moesten worden naar SSBNA, hetgeen niet bewezen is. Hooi heeft Ceder misbruikt om haar eigen gezicht schoon te vegen. Hooi had een gentlemen's agreement met Ceder. De anonieme brief is daadwerkelijk geschreven en afgeleverd bij de Raad van Toezicht en het Stadsdeel, geen van beide organen hebben de moeite genomen het personeel van Madi hierover aan te spreken. Hooi is een manipulerend, nietsontziend en leugenachtige persoon die voor niets en niemand terugdeinsd om haar doel te bereiken. Zo heeft zij 2 afzonderlijke verzoeken tot ontbinding van het arbeidscontract met een medewerker ingediend, beide verzoeken werden door de rechter afgewezen. Waarna de medewerker zelf om ontslag heeft verzocht, dit werd door de rechter toegewezen met dien verstande dat Madi tot het betalen van schadevergoeding + smartegeld werd veroordeeld. Madi wordt gesubsidieerd, werkt met gemeenschapsgeld, maar voor Hooi is dit geen beletsel om het geld over de balk te smijten. Zij is een waardeloze directeur en dit zegt ook genoeg over de Raad van Toezicht en het Stadsdeel. Vanaf Hooi directeur is bij Madi zijn er al meer dan 15 personen uit dienst gegaan. Hooi wordt geholpen door D.Kempenaar, manager srl, die zelf niet over de vereiste papieren beschikt om de functie naar behoren uit te oefenen, T.Lewis, p&o adviseur, ook deze persoon beschikt niet over de nodige papieren en bekwaamheden en als laatste hebben we nog D.de Rijp, schuldhulpverlener, die niets anders doet dan ervoor te zorgen dat de mensen daadwerkelijk ontruimd worden, deze persoon is de mannequin van Madi. Deze personen zijn samen met Hooi de mensen die het voor de rest van het personeel verpest want als je niet met ze mee doet kan je het wel schudden. Inderdaad voert Hooi een schrikbewind!!

3 februari 2008

Pechtold in de Groene, PvdA Amsterdam op operatietafel NRC

In de Groene Amsterdammer van deze week een leuk interview met Alexander Pechtold, fractievoorzitter van D66 in de Tweede Kamer.

In een aantal kernachtige reacties op stellingen en thema's die in Nederland ronddwalen in allerlei semi-linkse en vrijzinnige kringen (bijvoorbeeld stellingen van Dick Pels en de thema's in Lux-voor) weet hij duidelijk te formuleren waar politiek om zou moeten gaan en dat D66 staat voor de vrijzinnig-liberalen die geen thuis vinden in de PvdA, het CDA of de VVD.

Lezen!

Daarnaast staat er in het maandblad "M" van het NRC Handelsblad een verslag van een kijkoperatie in de hoofdstedelijke PvdA. Hieruit blijkt dat D66 nog steeds vertegenwoordigd is in het college, namelijk in de persoon van Lodewijk Asscher. Namens D66 voert hij een pragmatisch programma uit en weet hij geesten rijp te maken om de welzijns-mafia in Amsterdam (in handen van de PvdA) te saneren. Iets wat zijn voorganger, Ahmed Aboutaleb, nog niet aandurfde of aankon.

Kortom, allemaal positieve signalen dit weekend.

Ik was zaterdag ook op de nieuwe leden bijeenkomst van D66 in Den Haag. D66 krijgt per week 25 tot 50 nieuwe leden. Overal worden in het land de afdelingen heropgebouwd. Het enthousiasme voor een genuanceerde vrijzinnig-liberale politiek is groot. De noodzaak tot democratische hervormingen blijft hoog op de agenda, alleen vraagt ieder probleem om zijn eigen oplossing. Ook daar moet pragmatisch mee omgegaan worden.

De afkeer voor de oude machtspolitiek van de PvdA in Amsterdam wordt groter en groter. De leegheid aan gedachtengoed en opvattingen en de onmacht om tot praktische oplossingen te komen van de PvdA-fractie in de gemeenteraad leidt tot de onontkoombare uitkomst van een conflict tussen Lodewijk Asscher en de PvdA. Je bent welkom bij D66, Lodewijk!

Ik zelf heb gemerkt dat een overstap naar D66 erg bevrijdend kan werken. Wim Mos en Mart van de Wiel zijn ook altijd van harte welkom. Iedereen eigenlijk die een afkeer heeft van de machtspolitiek van de PvdA in Amsterdam en in Zuidoost en die zich aangesproken voelt tot een partij die een vrijzinnig liberale politiek voorstaat.

27 januari 2008

PvdA weigert verantwoordelijkheid te nemen

Op de site van de gemeentelijke PvdA stond het volgende stukje van de fractievoorzitter en de afdelingsvoorzitter waarin zij zich richten tot hun partijgenoten. Vreemd genoeg mag de rest van politiek Amsterdam nog niet rekenen op enige berichtgeving van de kant van de PvdA in Zuidoost. De titel is ook erg vreemd, het stuk onthoudt zich juist van enige zelfinzicht of enige vorm van zelfkritiek. Hoe wil je een ander scherphouden, als je op je eigen functioneren geen enkele kritiek duldt?

Elkaar scherphouden

Za 26 Jan 2008 - Muriël Dalgliesh, Nick Bolte

Beste partijgenoten,

De fractie van de PvdA in Zuidoost vormt weer één geheel. Afgelopen zaterdag hebben onze bestuurders, fractie en afdelingsbestuur met elkaar gesproken over alles wat is gebeurd, over de emoties die wij hebben ervaren. De uitkomst is dat iederéén dit een plaats zal geven en verder wil. Samen hebben wij vasthoudendheid getoond. Wij hebben leergeld betaald en dat heeft ons sterker gemaakt. Wij zullen in ons handelen laten zien dat wij in Zuidoost integer bezig zijn.
Het doet ons goed dat woensdag in de Gemeenteraad burgemeester Cohen heeft gezegd: “Het moet mogelijk zijn ‘een contra expertise’ te vragen na een rapport van de Amsterdamse Rekenkamer… Als je het op onderdelen niet eens bent moet je dat kunnen zeggen. Dat is alleen maar goed voor de positie van de Rekenkamer”. Wij zijn ook verheugd dat op één fractie na alle politieke partijen van mening zijn dat “bezwaar mogelijk is tegen het oordeel van de rekenkamer” (Het PAROOL, 24 januari 2008)

Met de ‘second opinion’ die wij hebben ingewonnen, en met de beslissing van het landelijk PvdA bestuur, gebaseerd op het verslag van de commissie Dolman, staat vast dat:
• de onderbouwing van de beschuldigingen over “persoonlijk voordeel” in het rapport van de Rekenkamer Stadsdelen Amsterdam feitelijk niet juist was,
• er géén enkel bewijs is van ‘persoonlijke verrijking’, de opgeroepen beelden geheel ten onrechte zijn geweest, en er geen reden is tot terugroeping van raadsleden.

Belangrijk is ook de discussie over de beoordeling van de fouten die zijn gemaakt bij het melden van nevenfuncties en het afzien van deelname aan stemmingen in de raad. Onze conclusie is dat dit beter kan en moet. Wij plaatsen dit in de context hoe de afgelopen jaren de aandacht is toegenomen voor de collectieve verantwoordelijkheid voor integriteit in de politiek, zoals deze is vastgelegd in de Algemene wet bestuursrecht. Dit speelt overal in Nederland.
Met alles wat ons is overkomen willen wij in Zuidoost voorop gaan in de omgang met integriteit: de nieuws subsidieverordening; de aandacht voor controle op en verantwoording van subsidies; het toezicht op het melden van nevenfuncties; afspraken in de fractie en de Raad over deelname aan stemmingen. Het is niet alleen een zaak van regels op papier, maar ook een zaak van elkaar scherp houden, van politieke cultuur, en dat is in Zuidoost niet anders dan elders.

Een stadsdeel heeft een controle instantie nodig. Het zijn verbaast dat de RSA niet samen met de stadsdeelraad Zuidoost wil leren van wat is gebeurd, en zich wil terugtrekken uit Zuidoost. Wij steunen het initiatief van de VVD om te bemiddelen, en hebben de hoop en verwachting dat de relatie hersteld kan worden. Indien dit niet mogelijk blijkt, zullen wij dit aan de orde stellen in het overleg met de andere stadsdelen die partner zijn in de RSA. In elk geval zullen wij erop toezien dat Zuidoost een controlerende instantie heeft.

Muriël Dalgliesh, voorzitter fractie PvdA Zuidoost
Nick Bolte, voorzitter afdeling PvdA Zuidoost

26 januari 2008

De ruimtelijke ordening van Amsterdam Zuidoost

deel 1: De historische achtergrond van ruimtelijke ordening van steden

Vanaf 1 juli 2008 zal het bestemmingsplan als belangrijkste ruimtelijke ordeningsinstrument verplicht worden voor het stedelijke gebied. Op dit moment geldt de verplichting van het opstellen van een bestemmingsplan alleen voor het gebied buiten de bebouwde kom. Door het verkleinen van het verschil tussen het gebied binnen en buiten de bebouwde kom en door het massale gebruik van bestemmingsplannen ook voor het bestemmen van grond binnen de bebouwde kom, werd het door de wetgever nodig geacht de verplichting om een bestemmingsplan op te stellen ook voor het stedelijk gebied te laten gelden.

Waar ligt de oorsprong van het bestemmen van grond?

De direkte oorsprong is gelegen in de Woningwet van 1901, die opgesteld werd om te voorkomen dat door het gebrek op controle op slechte bouw en hygiëne de goede volkshuisvesting niet door de overheid kon worden gegarandeerd. De Woningwet vormde de formalisering van deze grotere bemoeienis van de Nederlandse overheid met het terrein van woningbouw. In 1965 werd de ruimtelijke ordening van Nederland door middel van de Wet op de Ruimtelijke Ordening voorzien van het benodigde wetgevingsinstrument: Het bestemmingsplan. Tot die tijd werd in de Woningwet voor steden wel uitbreidingsplannen verplicht gesteld, waarvan het Algemeen Uitbreidingsplan uit 1934 van Amsterdam (die het kader vormde voor de bouw van westelijke tuinsteden) de bekendste is en ook als voorbeeld gold voor vele andere uitbreidingsplannen.

Het bestemmingsplan is thans het belangrijkste instrument tot het ordenen en vastleggen van de ruimtelijke omgeving, maar vindt zijn oorsprong in een ontwikkeling in europa die plaats vond in de vijftiende eeuw.

In de vijftiende en zestiende eeuw nam de politieke en dus ook de militaire betekenis van de steden toe. Zij dienden als militaire steunpunten en bij het ontwerpen van nieuwe steden en uitbreidingen van bestaande steden was de verdedigbaarheid dus een voornaam uitgangspunt; niet het enige echter. Steeds moesten verschillende belangen worden afgewogen. De beste verdediging was vaak de duurste en niet altijd bood de bestaande bebouwing ook de meest geschikte aanknopingspunten voor een doelmatige uitbreiding. In de Renaissance werd teruggegrepen op bepaalde architectonische theorieën uit de klassieke oudheid, wat ertoe leidde dat men grote aandacht schonk aan symmetrie van plattegronden, de onderlinge verhoudingen van gebouwen en het daaruit resulterende perspectief.

Deze militaire, politieke en esthetische uitgangspunten brachten, meer dan in de middeleeuwen, met zich dat een bepaald te bereiken doel op de voorgrond trad. De overheid moest, rekening houdende met verschillende belangen, zich ervan vergewissen hoe dit doel gerealiseerd kon worden. Van der Cammen noemt dit het grondidee van planning: het inrichten van de maatschappelijke werkelijkheid naar een ideaal. In onze streken kwam deze planning pas tot grote bloei rond het begin van de zeventiende eeuw, toen de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden begon aan een periode van opgang. De groeiende handelsbelangen van een elite van kooplieden-regenten, de toename van de bevolking en het steeds verder dragend militair geschut, hetgeen nieuwe verdedigingswerken vereiste, lagen ten grondslag aan uitbreidingsplannen van tal van steden, waaronder Amsterdam.

Een vroeg werk over stedenbouw in Nederland waarin de ideeën van de Renaissance doorklinken, is van de hand van Simon Stevin. Omstreeks 1600 schreef hij het traktaat Vande Oirdeningh der Steden. Daarin is opgenomen een ontwerp voor een stad. Deze stad heeft een eenvoudige meetkundige vorm: een rechthoek. Deze vorm schept de mogelijkheid om met behulp van rechte straten rechthoekige  terreinen te verkrijgen waarop men blokken kan bouwen. Het bouwen van blokken heeft volgens Stevin het voordeel dat men tot een goede verdeling van hooven en lichtplaatsen kan komen. Stevin geeft ook aan waar centrale voorzieningen, zoals markten, scholen en kerken, gerealiseerd moeten worden. Op deze manier wordt aan bepaalde blokken een functie toegedicht. Gesteld kan dan ook worden, dat zelfs al bestemmingen (functies) aan verschillende percelen worden gegeven, voordat begonnen is met het bouwen. Het woord plan is hier in dubbele betekenis van toepassing: enerzijds gaat het om een plattegrond en anderzijds behelst zo'n verkaveling ook een voornemen tot uitvoering.

Overigens was met het enkele vaststellen van een plan de uitvoering nog niet verzekerd. De steden beschikten voor de uitvoering over de mogelijkheid van onteigening. Zij konden verworven grond na onteigening naar eigen inzicht uitgeven, waarbij de verplichting kon worden opgelegd te bouwen volgens een van tevoren opgesteld plan. Dat klinkt zonnig, maar in de praktijk deden zich altijd problemen voor over de waardebepaling van de te onteigenen grond en de positie van grondspeculanten.

Peteri schetst in dit verband de gang van zaken bij de uitbreiding van Amsterdam rond het jaar 1600. Ik geef die beschrijving hier kort weer.

Bij de vergroting van 1593, die het terrein tussen Singel en Herengracht besloeg, had de stad alle in de uitbreiding betrokken grond tegen agrarische waarde onteigend en daarna in percelen verdeeld en verkocht. De volgende uitbreiding verliep niet zo soepel. Op een ruime kring buiten de omwalling lag om militaire reden een bouwverbod. Toen men in 1607 tot een nieuwe uitbreiding besloot, waren er echter zo'n 3000 woningen binnen de verboden kring aanwezig. De overheid had dit oogluikend toegestaan vanwege het gebrek aan woningen binnen de wallen en ook omdat leden van het stadsbestuur zelf geld verdienden met de bouw van deze woningen.
Door de Staten van Holland werd in 1610 aan Amsterdam toestemming verleend om het voor de uitbreiding beoogde terrein te onteigenen. Voorwaarde hiervoor was dat dit zou gebeuren tegen de actuele waarde en dat aan de eigenaren het recht gegeven zou worden om wat er restte van hun percelen, na realisering van het plan, tegen taxatie terug te kopen. Door de stad werd een commissie ingesteld ter raming van de met de uitbreiding gemoeide kosten. In de commissie hadden uitsluitend leden zitting die zelf geen belang hadden bij de uitvoering van het plan. De commissie zag grote bezwaren in de door de Staten gestelde voorwaarden, omdat zo een premie werd gesteld op de overtreding van het bouwverbod, de stad winsten zou derven door de verplichting tot teruggave en omdat door de teruggave aan de eigenaars wel het stratenplan, maar niet de vorm en de grootte van de percelen zou kunnen worden beïnvloed.

Daaropvolgend kregen speculanten de meerderheid in het stadsbestuur. Deze zorgden ervoor dat een van hen burgemeester werd. Iemand die er zijn werk van had gemaakt in strijd met voorschriften te bouwen werd belast met de financiën van de stad. In 1615 werd door dit stadsbestuur een nieuw systeem in het leven geroepen, waarbij aan eigenaars de keuze werd gelaten tussen het afstaan van grond tegen taxatiewaarde of behoud van hun grond met de verplichting een belasting te betalen over de waardevermeerdering van hun eigendom: de zogenaamde melioratiebelasting.
Intussen was de stad begonnen het in 1610 vastgestelde uitbreidingsplan te realiseren, waarbij men zich beperkte tot die delen die men al in handen had. Al in 1611 kwam men tot het inzicht dat de uitvoering van het plan te duur zou worden en dat daarom met een gedeeltelijke uitvoering moest worden volstaan.
In 1613 besloot men de Keizers- en de Prinsengracht te maken. De stad begon langs deze grachten planmatig percelen te verkopen. Er ontstond een regelmatig patroon dat wij nu nog kennen. Na moeizame onderhandelingen met speculanten was pas in 1625 vrijwel alle onbebouwde grond in handen van de stad. Het onbebouwde gebied dat wij nu aanduiden als De Jordaan, bleef echter in bezit van enkele groot-eigenaars, wat te zien is aan de volkomen van het grachtenpatroon afwijkende opzet. De Jordaan is ingericht volgens een simpele plattegrond waarbij de loop van de oorspronkelijke poldersloten werd gerespecteerd. Het gebied werd bevolkt door minvermogenden die ook nog werden opgescheept met bedrijven die elders waren verdreven of niet welkom waren.

Zo kan dus een vergelijking worden gemaakt met de huidige praktijk, waarin nog steeds een botsing plaats vindt tussen aan de ene kant de belangen van bewoners en toekomstige bewoners, welke belangen geacht worden te worden gewaarborgd door de overheid (thans de gemeente Amsterdam en de stadsdeelraad), en aan de andere kant de corporaties en projectontwikkelaars die tot op zekere hoogte te vergelijken zijn met de speculanten uit de zeventiende eeuw. De corporaties worden tegelijkertijd echter ook geacht de belangen van hun huurders te waarborgen....

Dit wordt interessante kost voor een volgende bespiegeling.

19 januari 2008

over ambtenaren en subsidie en Suriname

Toen ik vorig jaar op de Jopie Adolf Pengel International Airport aankwam, om daar goed werk te doen voor een paar oude gebouwen (op kosten van de gulle Surinaamse overheid uiteraard), viel de klamme hitte mij weer in de nek en op het gezicht zodra ik de vliegtuigtrap richting de zanderige grond afdaalde.

In de businessklas van het toestel van de SLM gezeten, omdat ik toevallig iemand ken bij de Surinaamse luchtvaartmaatschappij, ging het gesprek nog over de naamgever van het vliegveld, en de gelijkenis van Pengel met sommige politici in Amsterdam Zuidoost. Als er een staking was, en hij mocht vanwege die staking de mensen niet ontslaan, dan werden de mensen ontslagen omdat zij het openbare leven ontwrichten, omdat zij staakten. Zo was er voor elke probleem een smoes, en werd iedere keer beloofd dat het beter zou gaan. Pas als het niet anders kon, werd er ingegrepen. Het land had zeker een revolutie gekend, als die Pengel niet was afgetreden. Maar omdat Pengel een groot aantal partijen wist te verenigen, heeft hij toch het postuur van een staatsman aangemeten gekregen, die iets in Suriname bewerkstelligd had, wat nog nooit iemand anders was gelukt. Vandaar het Jopie Adolf Pengel International Airport.

Op de voormalige zandafgraving, heel toepasselijk “De Zanderij” genaamd, zag ik dat in eerste oogopslag alles nog steeds hetzelfde was. Heet, ouderwets, rommelig en, tot op zekere hoogte, zeer rustig. Die vliegtuigen die hier landen, zullen nooit meer dan enkele duizenden reizigers per dag vervoeren. Suriname is Paramaribo, foto voor plattelanders, verder niets. Na de herovering op de Engelsen is Fort Zeelandia, gesticht door enkele Zeeuwen die de Engelsen wisten weg te jagen in de 17e eeuw, uitgegroeid tot het centrum van het redelijk landinwaarts gelegen Paramaribo. Een goede PvdA vriend waakt op kosten van enkele gulle Nederlandse overheden over het behoud van monumentale gebouwen. Ook hij reist altijd business class, als hij weer eens voor overleg in Suriname aanbelandt.

Zou Paramaribo tot een Rio de Janeiro zijn uitgegroeid, indien het aan de oceaan had gelegen? Of heeft de zuinige Hollandse inborst de Surinamers ook tot brave mensen gemaakt, die wars zijn van veel uiterlijke opsmuk?

Pas als ik per auto naar Paramaribo reis, merk ik dat het in Suriname, na de bange Bouterse jaren en de Wijdenbosch roofjaren, eindelijk wat beter gaat. Suriname is als een oude bange man, die, komend uit een flinke regenbui, eindelijk uit zijn natte regenjas kruipt nadat hij al uren binnen in een warm en behaaglijk huis is. De lichtreclames, de weg die eindelijk echt op een asfaltweg gaat lijken, de huizen die steeds beter worden, Paramaribo wordt eindelijk volwassen.

Mijn goede Surinaamse vriend, die mij aflevert bij zijn tante alwaar ik de nacht zal doorbrengen, moet de volgende dag vroeg op, en kondigt aan niet te lang te blijven hangen. Niet omdat hij ambtenaar is (60% van de bevolking van Suriname is ambtenaar), maar voor zijn echte werk. Ambtenaren zijn namelijk in feite uitkeringstrekkers, die er wat bij hosselen. ’s Morgens tekenen ze een presentielijst ergens in een kantoortje, waarna ze wat gaan snorderen, een beetje gaan handelen, of iets anders gaan doen voor de kost. Het ambtenarensalaris is een basisinkomen.

Ook hier trek ik een gelijkenis met Amsterdam Zuidoost. Zou het gebrek aan controle op de verrichtingen van de ambtenaren en het gebrek aan controle op de besteding van subsidie in Amsterdam Zuidoost niet voortkomen uit de Surinaamse opvattingen over staatsinrichting en gebrek aan besef van eigen verantwoordelijkheid? De vraag stellen is in mijn opinie de vraag beantwoorden. De opvatting dat de overheid je een uitkering of inkomen garandeert, zonder dat daar tegenover enige verplichting bestaat om terughoudend te zijn in het bijklussen, of om daarover bij de overheid enige inzicht te verschaffen in de omvang daarvan, lijkt mij geboren uit de wijze waarop in Suriname over deze dingen wordt gedacht. Het is ondenkbaar dat iemand, die alleen ’s morgens een presentielijst tekent om daarmee zijn status van ambtenaar enige legitimiteit te geven, er op aangesproken kan worden dat hij in feite die status niet verdient. Want daarmee zou het werkloosheidsprobleem van Suriname pas echt bloot gelegd worden, en zou Suriname niet meer bij Nederland kunnen aankloppen voor de financiële ondersteuning van 60% van haar bevolking.

Kortom, vertel een ambtenaar in Suriname niet dat hij moet gaan werken. Dat doet hij immers al, alleen niet als ambtenaar. En vertel een subsidieklant in Amsterdam Zuidoost niet dat hij alleen subsidie moet aanvragen als het echt noodzakelijk is. Omdat elke subsidiemogelijkheid die zich in Zuidoost aandient, aangewend moet worden. Zo werkt dat in Suriname en dus ook in Amsterdam Zuidoost.

Ik groet de tante van mijn Surinaamse vriend, onderga de winti rituelen ter reiniging en welkomst, deel de meegebrachte cadeautjes uit Nederland uit aan mijn vriend en zijn tante, en ga dan lurken aan de meegebrachte alcohol. Daarover een volgende keer.

fraude voor 22 miljoen

Fraude op ministerie VWS

Door een onzer redacteuren

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft zeven verdachten aangehouden die betrokken zouden zijn geweest bij oplichting van het ministerie van Volksgezondheid (VWS). Ze worden ervan verdacht een bedrag van 22 miljoen euro te hebben verduisterd. Het is nog niet bekend of het ministerie het geld nog terugkrijgt. Een van de verdachten is een voormalige ambtenaar van het ministerie.
Dit blijkt uit onderzoek van de rijksrecherche en financieel rechercheurs van de politie Haaglanden. Drie van de zeven aangehouden verdachten bevinden zich nog in voorlopige hechtenis: een 58-jarige man uit Zoetermeer, een 49-jarige man uit Vlaardingen en een 59-jarige man uit Zeist. Een van deze drie verdachten is een voormalig ambtenaar van het ministerie. Zij worden verdacht van valsheid in geschrifte, oplichting, omkoping van een ambtenaar en deelname aan een criminele organisatie.

De fraude deed zich voor bij de afdeling Gehandicaptenzorg van het ministerie in de jaren 2002 en 2003. Een stichting kreeg in die jaren via zes leningen geld voor het uitvoeren van projecten voor gehandicapten. Het geld, in totaal 22 miljoen, werd vervolgens door de stichting doorgeboekt naar andere stichtingen, bedrijven en personen.

Het ministerie van VWS stelde zich garant voor leningen die door de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) werden verstrekt aan een stichting die projecten zou realiseren op het gebied van gehandicaptenzorg. In werkelijkheid vonden deze projecten niet plaats, maar werd het geld door de stichting vrijwel direct doorgeboekt naar andere stichtingen, bedrijven en privé-personen. In totaal gaat het om zes leningen, waarbij een bedrag van ongeveer 22 miljoen euro werd overgemaakt. Tijdens het onderzoek is vast komen te staan dat een ambtenaar van het ministerie er voor zorgde dat het leek of aan de voorwaarden voor een garantstelling werd voldaan. Op basis van die onjuiste gegevens werden de leningen door de BNG verstrekt in 2002 en 2003. In 2003 zorgde de ambtenaar ervoor dat de leningen in het systeem van VWS op nul werden gezet zodat het leek alsof de borgstelling van VWS was afgelopen. Voor zijn bemoeienissen ontving de ambtenaar provisie.

Het ministerie kwam de zaak in 2005 op het spoor omdat de aflossing van de leningen uitbleef, en de Bank Nederlandse Gemeenten bij VWS aanklopte voor genoegdoening. Het ministerie heeft de bank inmiddels de 22 miljoen betaald. Het ministerie heeft na de ontdekking van de fraude direct aangifte gedaan.

Volgens een woordvoerder van VWS is de verdachte voormalige ambtenaar al in 2004 wegens slecht functioneren ontslagen. Zijn ontslag stond toen los van de fraude die nu aan het licht is gekomen.

Het onderzoek van het openbaar ministerie is er mede op gericht in kaart te brengen waar het geld naar toe is gegaan. Als dat duidelijk is, kan er ook eventueelteruggevorderd worden. Vrijdag neemt de rechtbank in Den Haag de zaak in een pro-forma zitting in behandeling.

Naschrift: Dit stond op 1 februari 2006 in de krant. Er ontstond landelijk weinig verontwaardiging in tegenstelling tot het bericht in de volkskrant van 14 oktober 2006 over fraude in Zuidoost, terwijl het in Zuidoost toch om relatief geringe bedragen gaat. De bouwfraude gaat ook gewoon door, kortom, blijkbaar wordt fraude een wezenlijk onderdeel en bedrijfsrisico van de gesubsidieerde sector, tenzij fraude etnisch geduid kan worden...

18 januari 2008

Subsidieaanvraag 300.000 euro

Geacht deelraadbestuur van Amsterdam Zuidoost,

Ik ben zeer geïnteresseerd in het benutten van het leegstaande CEC-gebouw. Ik heb gelezen dat u doekjesvouwen en naaien voor vele honderdduizenden euro’s al zes jaar lang subsidiabel vindt.

Ik kan mij indenken dat u dan ook zeer geïnteresseerd bent in een cursus civilian-empowerment. Ik begrijp namelijk dat u erg gecharmeerd bent van dit soort termen. De cursus houdt vooral in het in contact komen met witte mensen.

Als doelgroep kies ik uiteraard de gediscrimineerde zwarte minderheid. Dat zijn vooral mensen die geëmpowerd moeten worden. Uiteraard sluit ik de cursus af, zoals gebruikelijk, met een week in een duur hotel, zodat die arme gediscrimineerde minderheden ook eens kunnen baden in weelde. Ik dacht zelf aan Tunesië, met uw goedvinden.

Inmiddels zijn er al enkele aanmeldingen voor mijn cursus. Ik noem mijn vrouw, mijn kinderen (samen met hun moeders uiteraard), mijn halfbroers en halfzusters.

Uiteraard ben ik zelf familie van één van de PvdA-deelraadsleden, was ik bijna vergeten te melden!

Mocht het één en ander te duur uitvallen, dan kunnen we logischerwijs uit een ander subsidiepotje tappen. Ik las namelijk dat het Grote Steden Beleid, afkomstig uit het Europees Sociaal Fonds, nog niet uitgeput is voor 2006. Daarmee zou ik bijvoorbeeld de huur van het CEC-gebouw kunnen betalen aan de Duitse eigenaar.

Met vriendelijke groet,

Dhr. Bouterse.

250pxbouterse

17 januari 2008

feiten

Er is nogal wat onduidelijkheid over de feiten, door al het gegoochel met statuten en bedekte bewoordingen.

1. Er is sprake van belangenverstrengeling van deelraadsleden. Van de twintig raadsleden met nevenfuncties bij gesubsidieerde instellingen hebben veertien zich niet gehouden aan de eigen gedragscode voor integer handelen. De rekenkamer constateert feitelijk persoonlijk voordeel voor 5 (onderzochte) deelraadsleden. Daarvan hebben er 3 op dat moment zitting in de deelraad, allen namens de PvdA. 

2. De PvdA neemt als fractie het besluit om de drie tot het einde van de zittingsperiode (tot maart 2010) uit de fractie te zetten. Hoewel de PvdA in het bezit is van de absolute meerderheid en vereenzelvigd kan worden met de deelraad, is dit een interne politieke beslissing.

3. In december 2007 worden de drie onafhankelijke raadsleden weer met open armen in de PvdA-geledingen opgenomen.

4. De deelraad heeft zich achter de conclusies geschaard van de rekenkamer. Er zijn echter door de deelraad NOOIT  gevolgen aan verbonden. Er is geen beterschap beloofd, en de drie "zondaren" of "slachtoffers" menen nog steeds dat hun groot onrecht is aangedaan. Ondanks de geconstateerde feiten, die raadsbreed zijn erkend, menen zij dat er geen sprake hoeft te zijn van nieuw verkregen inzicht of anders handelen.

5. Conclusie: Wat de rekenkamer ook zou aantonen, de deelraad heeft geen beslissing genomen en neemt geen beslissing. Subsidie is niet terug gestort of opgeëist, de PvdA maakt op elk moment gebruik van de absolute meerderheid en trekt zich niets aan van de publieke opinie en de oppositie. Het PvdA-belang en het persoonlijke belang van de deelraadsleden gaat blijkbaar boven het algemeen belang en de Nederlandse wet.

aan de kaak stellen of mond houden?

Stel: In Zuidoost is er sprake van diefstal (art. 310 Wetboek van Strafrecht) van gemeenschapsgeld door deelraadsleden. Deelraadsleden hebben moties ingediend of mede ondertekend, hebben daarover gestemd, waarin geld (subsidie) aan hen werd geschonken. Bij de controle is gebleken dat het geld niet is gebruikt daar waar het voor bedoeld was. Deelraadsleden zijn, vanwege de machtenscheiding, in principe strafrechtelijk niet aan te spreken op hun handelen als politicus.

Wie controleert de deelraadsleden dan wel?

1. Ten eerste kunnen deelraadsleden zich vrijwillig houden aan de wetten van het land. De meesten doen dat. Helaas is er een groeiende groep die misbruikt maakt van zijn of haar bevoegdheid en zich niet houdt aan de regels van de Gemeentewet.

2. De tweede instantie die zou kunnen ingrijpen is de fractie of zijn mederaadsleden. Die kunnen andere raadsleden aanspreken op hun gedrag.

3. Mocht een deelraadslid ondanks al deze waarschuwingen en tips besluiten toch door te gaan met het schenden van de regels van de Gemeentewet, dan is er altijd nog de politieke partij die dit deelraadslid zou kunnen verzoeken zijn zetel namens de partij op te geven en zijn zetel beschikbaar te stellen voor een andere, niet frauderende partijgenoot.

4. Als het deelraadslid zich hier allemaal niets van aantrekt, dan kan het dagelijks bestuur van het stadsdeel (DB) besluiten aan de deelraad voor te stellen de jaarrekening niet goed te keuren en de reeds verstrekte subsidie niet te verlenen en het geld terug te vorderen. Andere deelraadsleden kunnen een motie indienen om dit bewerkstelligen.

5. Als desondanks, ondanks alle wetenschap van de gepleegde fraude en diefstal, de deelraad noch het DB het voortouw neemt bij het terugvorderen van de subsidie, dan kan de gemeenteraad van Amsterdam besluiten de jaarrekening van Amsterdam Zuidoost niet goed te keuren en niet op te nemen in de jaarrekening van de gemeente Amsterdam als geheel. Hierin is een actieve rol weggelegd voor de wethouder van Financien, op dit moment Lodewijk Asscher. Lodewijk Asscher heeft, middels uitlatingen in de media, er blijk van gegeven op de hoogte te zijn van de feiten (diefstal, strijd met de gemeentewet) en dit niet goed te keuren. Als hij desondanks zijn handtekening zet onder het voorstel de jaarrekening van Zuidoost door de gemeenteraad te doen laten goedkeuren en ook niet als lid van de PvdA zijn partijgenoten tot de orde roept, dan legt hij zich neer bij de diefstal in Amsterdam Zuidoost.

6. Op grond van artikel 87a Gemeentewet kunnen, behalve de wethouder van financien, ook de burgemeester of de gemeenteraad ingrijpen. De gemeenteraad is het hoogste democratische orgaan, en die zal de jaarrekening van Amsterdam Zuidoost en van Amsterdam voorleggen aan Gedeputeerde Staten van Noord-Holland (GS) ter goedkeuring. GS kunnen dus ook nog Amsterdam ter verantwoording roepen.

7. Uiteindelijk kan er blijken dat er nog geen decharge is verleend op grond van artikel 199 Gemeentewet. Dan blijft Lodewijk Asscher dus persoonlijk aansprakelijk. Het is de gemeenteraad die hem zal moeten aanspreken. Die heeft echter zijn of haar goedkeuring gegeven aan de jaarrekening en deze vastgesteld. De gemeenteraad snijdt dus in haar eigen vingers door de jaarrekening als niet goed aan te merken en zal dat dan ook niet doen. Bovendien is de gemeenteraad in dit geval (in Amsyterdam) praktisch gelijk te stellen aan de wethouder van financien.

8. De minister kan door middel van een KB of een wet de gemeente Amsterdam onder curatele plaatsen.

9. Zowel de deelraad, de gemeenteraad, gedeputeerde staten van Noord-Holland als de minister zijn in handen van de PvdA. Deze partij heeft zich neergelegd bij de fraude en diefstal volgens de uitlatingen van de partijvoorzitter en de commissie Dolman. Er is dus voor burgers niets aan te doen en deelraadsleden kunnen rustig doorgaan met de fraude. Het in de media aan de kaak stellen van fraude en corruptie is de enige mogelijkheid, maar wel fnuikend voor je beroepskansen in de publieke sector.

13 januari 2008

Lodewijk Asscher is soms even geen PvdA-er

D66 zal Lodewijk Asscher gaan bevragen over zijn opvattingen over integriteit, de rol van de rekenkamer en de rol van de afdeling van de PvdA in Zuidoost.
Formeel gaat Lodewijk Asscher niet over de PvdA in Zuidoost. In het duale stelsel is het bovendien de gemeenteraad (stadsdeelraad) die het college van B&W controleert. Lodewijk Asscher had dus evengoed een partijloze kunnen zijn die werd benoemd om de lopende zaken af te handelen. In die zin maakt Lodewijk Asscher het minst deel uit van de PvdA-partijstructuur. Dat zal ook het antwoord van Lodewijk Asscher zijn. Als het hem uitkomt maakt hij even geen deel uit van de partij die hem groot gemaakt heeft.
Als mogelijk antwoord zal Ivar Manuel dan aan Lodewijk Asscher moeten voorstellen om de daad bij zijn woord te voegen, en afstand te nemen van de opstelling van de PvdA landelijk. Die toch, en dat zegt Wouter Gortzak terecht, zich niet had mogen verschuilen achter het rapport Dolman (in eerste instantie) en naderhand de zaken vooruit had mogen schuiven door alleen maatregelen in de toekomst voor te stellen. Maatregelen die allang genomen hadden moeten worden (zie de weblog van Erik Kempenaar en die van mij!!!)
Want de zaken, die nu aan de orde zijn gekomen in een Volkskrantartikel (wat de aanleiding is van alle onderzoeken), heb ik diverse malen, al jarenlang, onder andere op de door een ieder raadpleegbare weblog van mij, en daarvoor al zowel intern als extern, aan de orde gesteld.
André Bohla en Mala Eckhardt (Egbert Doest valt het minst te verwijten in dit kader) hebben echter willens en wetens de overtredingen begaan, die in het onderzoek van de rekenkamer aan de orde zijn gekomen (en Harry Verzijl heeft dit moedwillig toegestaan).
Als mensen bewust en ondanks waarschuwingen handelen in strijd met de wet, het reglement en de gedragscode, waarom is er dan in de ogen van de PvdA geen sprake van verwijtbaar gedrag?
De PvdA weet dat het handelen verwijtbaar is. Dat het handelen minder verwijtbaar is door een bepaalde context (cultuur) gaat alleen op voor mensen die niet beschikken over normale verstandelijke vermogens. Kortom: De bestuurders en fractieleden van de PvdA zijn volgens hun eigen partijbureau gewoon te dom om te begrijpen dat ze de regels moeten naleven, die andere deelraadsleden wèl naleven, en waarvan iedereen hun ook op wijst.
Te dom. Misschien wil Lodewijk Asscher dat nog wel bevestigen?
Ik vrees dat iedereen bij de PvdA in Amsterdam, voor wat betreft de afdeling Zuidoost, met de vinger naar boven wijst. Het partijbureau. Dat geeft tegelijkertijd ook aan hoe weinig PvdA-ers op hun eigen rechtvaardigheidsgevoel durven varen en hoe weinig democratisch de PvdA is.
Voor elke opmerking, standpunt inname, en publicatie wordt van te voren contact opgenomen met de eerst volgende chef in lijn.
En het partijbureau wordt dan weer geadviseerd door een commissie, die bestaat uit met name Ronald Jansen, lid van de afdeling Amsterdam Zuidoost, goede vriend van de drie PvdA-ers waarover hij zich moet uitspreken. En bovendien bijna buurman van afdelingsvoorzitter Nick Bolte.
Kortom, ons controleert ons.
Als er geen artikel was verschenen in de Volkskrant was ik nog steeds een roepende in de woestijn geweest. En was Andre Bohla nog steeds voorzitter van de deelraad en had hij weer enkele duizenden euro's aan zichzelf geschonken. Want, zoals André Bohla zelf zegt, dat stelt toch niets voor, enkele duizenden euro's? De witten steken toch veel meer in hun zakken? Het is puur racisme dat dit van hem zo breed uitgemeten wordt!
Tja André, als je werkelijk zo in elkaar steekt en zo denkt, dan heeft het partijbureau toch gewoon gelijk.
Vroeger stond de PvdA voor een betrouwbare overheid. Tegenwoordig is de PvdA een tehuis voor een ieder die profiteert of wilt gaan profiteren van het geld, dat in beheer is van de overheid. Wat door deze mensen vergeten wordt is dat het geld niet van de overheid, maar van de burgers is. Daar hoor je zorgvuldig mee om te gaan of anders met je poten van af te blijven.
Het is bovendien strafbaar om gemeenschapsgeld onrechtmatig toe te eigenen.
Volgens de heer Eiff van de Rekenkamer Stadsdelen Amsterdam heeft aangifte doen bij de politie van de overtredingen van de heer Bohla en consorten (hij is inderdaad echt niet de enige) geen zin, omdat de opsporing en berechting van dit soort strafbare feiten geen prioriteit heeft bij justitie. En wie zou bovendien aangifte moeten doen? Wie komt op voor de belangen van de burgers van Amsterdam?
Juist ja: De volksvertegenwoordigers. De gemeenteraad en de stadsdeelraad. Is dat even pech hebben. De burgers hebben de PvdA de absolute meerderheid geschonken.
Lodewijk Asscher zal naar de burgers wijzen. die zijn de schuldigen!!! Hadden ze maar niet op de PvdA moeten stemmen!!!!

12 januari 2008

Walrus op scooter

Neem een dooddoener. ‘Vroeger hadden mensen nog echt contact.’ ‘De wereld verandert tegenwoordig razendsnel.’ Dit soort clichés zijn TomToms in gezelschap. Heerlijk. Eén zo’n zinnetje en je weet waar het gesprek heen gaat en hoe laat je weer thuis op de bank zit, zonder gezeur aan je hoofd. ‘De geschiedenis herhaalt zich’: een gemeenplaats als een grote hap chocola. Iemand zegt het, en met een beetje geluk echoot iemand anders daarop de variant van Karl Marx – ‘de geschiedenis herhaalt zich, eerst als klucht, dan als tragedie’. Of die van Winston Churchill: ‘de geschiedenis herhaalt zich, maar zonder dat we ervan leren’. D’r klopt nooit wat van, maar de dialoog kabbelt verder en de maatschappelijke vrede blijft bewaard. Alles dankzij clichés, die nooit waar zijn maar altijd dienstig.

Al deze wijsheid over nut en noodzaak van het cliché legde ik af nadat duidelijk was geworden dat in Eindhoven het burgemeestersreferendum tussen twee kandidaten van de Partij van de Arbeid gehouden wordt. Hieruit trekke men maar één les. De geschiedenis herhaalt zich als komedie én drama én zonder dat we er iets van leren. Hoe zat het ook weer? Niet zo heel lang geleden is in Utrecht een burgemeestersreferendum gehouden. Dat liep, eh, niet zo goed af. De mensen konden kiezen tussen twéé pvda-kandidaten, en dan nog van het meest bestuurlijke soort. Superambtenaar Ralph Pans en volksvertegenwoordiger Aleid Wolfson bleken als enigen geschikt en bereid het Utrechts krijt te betreden. Beste kerels, kundige regelaars. Maar zet ze niet op een zeepkist in de hoop dat ze kiezers overtuigen op hen te stemmen. Je leert eerder een walrus rijden op een scooter. Wat te voorspellen viel: zes van de tweehonderdduizend stemgerechtigden namen de moeite naar de stembus te gaan om aldaar niet te mogen kiezen. Je zou zeggen: daar trapt de pvda niet meer in. Te meer daar – verrassing – verliezend kandidaat Ralph Pans al direct na afloop stelde dat het misschien toch niet zo’n goed ideetje was geweest, twee kandidaten van dezelfde partij. En dat deze week nog eens dapper herhaalde in een boek.

Maar niks. Nu maken zich in Eindhoven wéér twee mannen op voor een spannende strijd. Leen Verbeek en Rob van Gijzel zijn beiden sociaal-democraat van het wit-grijze soort: degelijk en gegarandeerd charismavrij. Blijkbaar heeft niemand in de top van de pvda de afgelopen maanden moeite genomen hen op te bellen met de mededeling: ‘Luister! Een van jullie haakt nú af. Wegens familieomstandigheden, omdat je hobby teenschilderen te veel tijd kost, verzin wat. Maar een van jullie hoepelt op. Die krijgt een ander klusje. CDK, voorzitter van een ziekenhuis, iets op de Antillen, whatever. Maar we laten ons niet weer in het pak naaien door gniffelende cda’ers en vvd’ers. Laat staan dat we ons kwetsbaar maken voor alle commentaar van de rechtse populisten dat we het volk nog altijd onze wil opleggen.’ Hoeveel mensen gaan stemmen in Eindhoven? Vier? En hoeveel mensen kopen straks het boek waarin verliezend kandidaat Verbeek schrijft dat hij ‘het toch niet had moeten doen’?

Het encyclopedielemma ‘gekozen burgemeester’ had in 2009 kunnen luiden: ‘d66-plan om het Nederlands lokaal bestuur boven het niveau van dat van Georgië te tillen, gesneuveld wegens een algemeen gebrek aan belangstelling.’ Maar het wordt: ‘Democratische vernieuwing, getorpedeerd door pvda. Eerst in Eerste Kamer (zie het lemma: “Nacht van Van Thijn”) en vervolgens door gecorrumpeerde referenda in Utrecht (2007) en Eindhoven (2008).’



DOOR Menno Hurenkamp

© Menno Hurenkamp / De Groene Amsterdammer

democratie nodig, NU!!!

De PvdA heeft een monsteroverwinning behaalt bij de gemeenteraadsverkiezingen. Dankzij een Hillary-achtige campagne, een enorme beroep op het schuldgevoel (ik ben afstammeling van slavendrijvers, ik verdien mijn eigen geld dus ben ik rijk en egoistisch) en veel gelieg, gemanipuleer en gedraai won de PvdA op desastreuse wijze.

De gevolgen zijn zichtbaar. In Amsterdam Zuidoost zou Eveline Herfkens gewoon DB-er mogen blijven.

Amsterdam moet bevrijd worden. Wanneer komen de Amerikanen? Och ja, er zit geen olie in de grond.

Maar Groningen en Drenthe dan?

motorboerka

De PVV eist een verbod.

Bieslog_foto_motorboerka

7 januari 2008

nieuwe naam weblog

Beste en trouwe lezers,

gemiddeld heeft mijn weblog 59 bezoekers per dag. Het aantal raadplegingen zit tussen de 100.000 en 200.000 in. Lange tijd liet ik de naam dan ook onveranderd: kritischeledenpvda.web-log.nl.

Ik moet echter constateren dat al die PvdA-raadsleden, met name in Zuidoost, dermate ongeloofwaardig zijn, dat ik toch de naam moet veranderen. Ik kan en wil echt niet meer geassocieerd worden met de PvdA.

Voorlopig zult u de nieuwe naam alleen in de kop aantreffen. Straks zal ook de url gewijzigd zijn. Mijn andere weblog zal kritische burgers in zuidoost blijven heten.

Het was heel soms een genoegen, maar meestentijds een kwelling lid te moeten zijn van een afdeling van de PvdA, waarin democratie vooral de stem van de absolute meerderheid was. En waarin elk kritisch geluid zodanig gesmoord werd, dat er geen afdelingsblad, geen afdelingssite en geen enkele transparantie of openheid meer is.

Dan wordt het tijd om de deur definitief achter je dicht te trekken. De PvdA is als politieke beweging ongeloofwaardig en onbetrouwbaar. En als liberaal zat ik op de verkeerde plek.

Eigen verantwoordelijkheid? PvdA: Ach, als het behandelen van mensen als inferieure wezens (allochtonen) stemmen oplevert, en je ze kunt paaien met subsidie, dan is de term "eigen verantwoordelijkheid" natuurlijk erg gevaarlijk.

Democratisch? Alleen als het echt niet anders kan, maar dan wel volledig gecontroleerd door een klein aantal machthebbers aan de top.

U raadt het al. Geef mij maar een liberaaldemocratische partij. 

26 december 2007

land van aankomst

Er stond in een krant (welke weet ik niet meer) een overzicht van de herkomst van de leden van de Fractie van de PvdA in de Tweede Kamer. Daaruit bleek een zeer onevenredige verdeling; bijna alle kamerleden van de Pvda komen uit de Randstad, waarvan het allergrootste gedeelte uit Amsterdam.

Dat pleit natuurlijk enerzijds voor Amsterdam, als stad van cultuur en debat, maar anderzijds geeft het ook aan dat als je de toekomst van de PvdA in oogschouw wilt nemen, je je vooral op Amsterdam moet richten.

De afdeling van de PvdA in Zuidoost heeft een slechte reputatie. Er zijn hevige schermutselingen geweest tussen zwarte/allochtone en witte/autochtone kandidaten, waarin de huidskleur alles bepalend was. Dat zwart/wit conflict ging inhoudelijk nergens over en was voor een deel volstrekt ontoelaatbare stemmingmakerij van een aantal "zwarte" propagandisten. Het heeft wel de sfeer in onze afdeling voorgoed verpest. Hier heeft eenzelfde houding van de PvdA aan bijgedragen als welke nu de commissie Dolman weer tentoonspreidt; Ach, het zijn maar zwarten/allochtonen, die moet je vooral niet te serieus nemen. Laat ze lekker aanmodderen, daar in de Bijlmer....

Nu, tien jaren later, oordeelt de commissie Van Thijn alsnog dat bepaalde uitlatingen van bepaalde leden volstrekt fout zijn en hebben bijgedragen aan een onprettige sfeer. Beter laat dan nooit, moet een gewoon mens dan maar denken.

Ook met de cultuurverandering wordt er blijkbaar gekozen voor een oplossing op lange termijn. De drie fraudeurs kunnen terugkeren, maar de wijze waarop raadsleden worden verkozen en hun belangenbehartiging die daarbij hoort, dat zal waarschijnlijk over 10 jaar niet meer kunnen. Maar voorlopig mogen ze daar in Zuidoost voortmodderen. Met de benen in de maatschappelijke modder....

Voorlopig moeten we het maar met deze mensen doen. Maar dat geeft wel aan dat de politieke participatie van allochtonen op deze manier geen wet van meden en perzen is, maar een proces dat nog vele jaren zal gaan duren en eerst nog moet rijpen. Kortom, er worden in Amsterdam experimenten uitgevoerd, en onze deelraad vormt het laboratorium. Er wordt ongelooflijk veel gediscussieerd, maar het rapport Dolman vermijdt de confrontatie en plaatst de verantwoordelijkheid binnen de allochtone groeperingen zelf. De mensen van de Hindoestaanse gemeenschap moeten hun vertegenwoordigers aanspreken op hun gedrag.

Wat mij bij deze oplossing tegenstaat is dat er weer een uitzondering wordt gemaakt op de Nederlandse regels, omdat die blijkbaar niet voor iedereen gelijkelijk hoeven te gelden. Mijn stelling blijft dat je op die manier allochtonen niet serieus neemt als Nederlandse staatsburger. Als je inburgering als een eigen verantwoordelijkheid beschouwt, dan kun je mensen afkomstig uit een ander land ook geen overgangsperiode geven om te wennen aan de politieke mores in het land. Zodra je politiek actief mag zijn (ik meen voor de gemeenteraad na een periode van 5 jaar) dan moeten mensen ook volwaardig mee mogen doen in het land van aankomst en zich ook niet verschuilen in oude politieke gebruiken van het land van herkomst.

19 december 2007

clientelisme

Is het nu clientelisme of clientellisme?  Deze vraag houdt mij al een poosje bezig. Iedereen schrijft tegenwoordig "clientelisme", maar is dit wel correct?

En wat is clientelisme? Is dat het bevoordelen van de eigen achterban alleen door allochtonen, of ook door autochtonen? Volgens de afdelingsvoorzitter en anderen is er sprake van racisme, die zou hebben geleid tot de onevenredige media-aandacht van de belangenverstrengeling in Amsterdam Zuidoost. Want, zo redeneren zij, in Limburg of Brabant gebeurt al decennia hetzelfde maar zijn het blanke politici (van het CDA) die de regels voor zichzelf zo gunstig mogelijk toepassen.

Sommige mensen menen dat de regels niet letterlijk genomen moeten worden. En dat voor allochtonen soepeler met de regels moet worden omgegaan. Dat zijn dezelfde mensen die menen dat er sprake is van racisme, als de rekenkamer belangenverstrengeling en zelfbevoordeling constateert.

Kortom, als je de regels consequent en voor iedereen evenredig toepast ben je een racist, maar ben je dan ook een racist als je "allochtonen" als gewone Nederlandse burgers (inwoners) beschouwt?

Soms doe ik een spelletje met een collega. Dan speelt hij dat hij een allochtoon is. Met zijn donkere huidskleur en bruine ogen en zwart kroeshaar ziet hij er uit als een allochtoon. Alleen gedraagt hij zich en leeft hij als een echte Nederlander.

Wanneer ben je allochtoon, en voor welke allochtonen gelden er van de Nederlandse inwoners afwijkende normen (wettelijke regels)? Bepaalt iedere allochtoon dat zelf, mag iemand zich wel als een allochtoon beschouwen als hij over het algemeen zich als Nederlandse staatsburger en inwoner beschouwt?

Dus op welk moment "ontstaat" er een burger, die gediscrimineerd wordt (omdat hij "allochtoon" is) waardoor hij zich niet hoeft te houden aan de Nederlandse wet, zoals de leden van de PvdA-fractie in de deelraad van Zuidoost?

Hoofdcommentaark_1

16 december 2007

links en passief zijn?

Links moet niet langer passief zijn

Za 15 Dec 2007 - Asscher en Marcouch

Links moet niet langer passief zijn

Links moet leren van gemaakte fouten en durven eisen te stellen en regels uit te spreken, aldus Lodewijk Asscher en Ahmed Marchouch.

‘Links is te passief in het integratiedebat', stelden de Amsterdamse raadsleden Van der Garde en Mulder onlangs in de Volkskrant (zie hier). En zo is het. Er is een eerlijke zoektocht naar echte oplossingen nodig. Dat is de sociale opgave van onze eeuw. Als wethouder en stadsdeelvoorzitter in Amsterdam hebben wij vijf stellingen voor het debat over integratie.

1: De juiste oplossing kiezen betekent ook de juiste toon kiezen: benoem waar het om gaat!
De verleiding is groot om een zachte, omfloerste toon te kiezen, maar het offer is te groot. Als criminele jongeren eufemistisch omschreven worden als hangjongeren, dan worden wij opgescheept met hanghulpmiddelen in plaats van met opsporing, straf en resocialisatie. Harde taal voor Marokkaanse criminele jongeren slaat niet op de gehele Marokkaanse gemeenschap. Integendeel. Daarmee scheid je het kaf van het koren.

2: Autochtone angst heeft hetzelfde recht op erkenning als allochtoon verdriet.
Angst afserveren als onderbuikgevoel is miskenning van oprechte zorg. Paul Scheffer schrijft: ‘de zorgen van de ‘meerderheidscultuur' komen niet alleen maar voort uit ongefundeerde angst voor het onbekende, maar geven uiting aan gerechtvaardigde vragen over de effecten van immigratie, over de veiligheid, over de toekomst van de verzorgingsstaat, over de kwaliteit van het stedelijk leven, en over de toekomst van de democratie.' Mensen die hun buurt razendsnel zien veranderen en zichzelf een vreemde voelen, vrouwen en homo's die hun emancipatiestrijd deels teloor zien gaan - zij hebben het volste recht zich ongemakkelijk te voelen. De politiek heeft hen te lang genegeerd.
En ook de PvdA heeft te lang ontkend dat integratie ook recht moet doen aan wie er al was. Angsten uitvergroten werkt integratie tegen. Het is links om sociale oplossingen te formuleren in plaats van de problemen te ontkennen.

3: Integreren. Mooi. Maar waarin?
Integratie in de samenleving kan pas lukken als aan nieuwkomers kan worden overgebracht wat de kern van die samenleving is. Laat zien hoe trots je kunt zijn op Nederland en met hoeveel moeite en tegenslag wij onze samenleving en cultuur hebben verworven. De boodschap? ‘Werk hard, overwin obstakels, dan kom je er.' In de stad kijkt niemand naar je om als de ouders dat niet doen. Dan word je een normloos kind. Veel Marokkaanse jongens hangen zonder sociale controle urenlang op straat. Misschien worden ze gediscrimineerd, maar dat obstakel moeten ze nemen. Want er zijn kansen, je moet leren die te grijpen. En dan roep je niet met je halve vmbo-opleiding: ‘Hé, ik krijg geen baan.' Zo werkt het niet. Kwalificeer jezelf. Dat is wat deze samenleving van je eist. Het is links om eisen te stellen. Het is dé stap naar zelfverheffing.

4: Maatschappelijke regels formuleren is net zo links als de orde handhaven.
Wat wij doen met regels en handhaving, is kwetsbare mensen beschermen tegen hufterige mensen, rijk of arm. Alleen wie de impliciete regels met de paplepel ingegoten krijgt, heeft geen woorden nodig. Voor buitenstaanders moeten wij verwoorden hoe het hoort in onze maatschappij. Doen we dat niet, dan maken wij het hen onmogelijk zich de Nederlandse identiteit en cultuur eigen te maken. En daardoor wordt het moeilijk voor allochtonen om erbij te horen. Mensen buitensluiten door je regels niet uit te spreken, is een geniepige vorm van intolerantie.

5: We moeten breken met het verleden. We hebben geleerd.
De tijd van onverschilligheid richting migranten is voorbij. Lang leerden Marokkaanse en Turkse immigranten nauwelijks Nederlands. Eerst omdat het verblijf tijdelijk zou zijn. Daarna omdat Nederland het niet eiste en omdat de groepen groot genoeg waren geworden om ermee weg te komen: zij konden zich onderling prima redden en werken was niet strikt noodzakelijk. Zonder werk was het leven goed te leven, omdat uitkeringen bestaan. Waar nieuwelingen uitleg nodig hadden over hoe vooruit te komen via school en werk, boden wij complexe voorzieningen en sociaal-maatschappelijk werkers. Vage vrijheden in plaats van structuur. Afhankelijkheid en passiviteit waar een duw in de rug had geholpen.
We moeten uitspreken wat we van elkaar verwachten. Met verheffing als ideaal. Verheffing door taal, door toegang tot het debat en door werk. Leren van onze fouten. Niet als een loos gebaar, maar als een handreiking. Als wij dit onder woorden brengen, kunnen wij ervan leren. Als het onderwijs strak georganiseerd wordt en de methoden om mensen aan het werk te krijgen goed functioneren, dan heeft het integratiedebat de moeite geloond op een manier waar álle Nederlanders van profiteren.


Lodewijk Asscher is wethouder en leider van de PvdA in Amsterdam. Ahmed Marcouch is stadsdeelvoorzitter voor de PvdA in Amsterdam- Slotervaart. Klik hier voor het begeleidende artikel in De Volkskrant

einde bevoogding allochtonen nabij?

27 november 2007

De PvdA, de partij, de democratie (1)

grote partijen vaak een nadeel

De PvdA heeft het als politieke partij moeilijk. Met de huidige maatschappij waarin burgers en collega's elkaar continue lopen te verbeteren, te bestrijden en te beconcurreren, is het moeilijk zo niet onmogelijk om een grote partij te zijn. Hoe groter de partij, hoe groter het verschil in meningen, personen, belangen en hoe minder gemeenschappelijkheid. De fractie van de PvdA in de deelraad van Zuidoost (eerst 17 van de 29 zetels, thans 14 van de 29) is gewoon te groot. Dit leidt tot een zekere mate van starheid, als je probeert om iedereen op alle dossiers één lijn te laten zitten.

de PvdA komt er bekaaid van af

De PvdA is op dit moment, in de peilingen en volgens de vox populi althans, gereduceerd tot een beweging die minder van belang is dan de beweging van Rita Verdonk. Terwijl de beweging van Rita Verdonk nog geen programma heeft, slechts uit één persoon bestaat en dus eigenlijk helemaal geen rol speelt, en de PvdA overal in Nederland in de gemeentes in ruime mate vertegenwoordigd is in gemeenteraden, colleges en dagelijkse besturen.

De PvdA is in de beeldvorming gereduceerd tot een marginale beweging.

De oorzaak moet volgens mij gezocht worden in de veelheid aan verschillende signalen die verschillende vooraanstaande sociaaldemocraten afgeven. Ahmed Marcouch is de man van de praktijk en spreekt hardere taal dan de VVD in de gemeenteraad, Manon van de Garde daarentegen looft Ella Vogelaar om haar volhardend geloof in de multiculturele samenleving. Zoveel mensen, zoveel wensen. DePvdA staat dus voor even zoveel oplossingen als er aan mensen met opvattingen binnen de PvdA rondlopen. Want het kan altijd linksom of rechtsom. Als het besef aanwezig is dat het belangrijker is om resultaat te boeken dan het morele gelijk binnen te halen, dan maakt het niet uit hòe je resultaat boekt. Iedereen voert zijn of haar eigen strijd binnen de PvdA. De partijen die wèl uitstralen een succesvolle partij te zijn, zijn partijen zonder partijdemocratie. De beweging van Geert Wilders bijvoorbeeld. De SP met zijn kadaverdiscipline. Het CDA met zijn hierarchische organisatie. De SGP met zijn achterhaalde denkbeelden. Elke partij die de leden een platform biedt waarin men van mening kan verschillen, is in de huidige beeldvorming niet succesvol. De roep om Een Sterke Leider wordt groter en groter. Verschil van mening of inzicht wordt niet gewaardeerd.

De PvdA is de meest democratische partij van de drie grote partijen. Dat is op dit moment niet haar kracht maar juist haar zwakte volgens de vox populi. Het is de vraag of de PvdA gaat toegeven aan de vox populi, of dat het volk de nuance en het compromis weer leert waarderen.

Verkeerde compromissen of verkeerde keuzes

Wouter Bos riep zijn kiezers op om begrip te hebben voor het feit dat hij als politicus in het Nederlandse partijenstelsel gedwongen is om compromissen te sluiten. De enige die dat kan bewerkstelligen is Wouter Bos zelf. Door geloofwaardige en de juiste compromissen te sluiten. Daarin is Wouter Bos tekort geschoten. Dat Europees referendum of dat onderzoek naar de oorlog in Irak had moeten zijn binnengehaald. De PvdA heeft zich de kaas van het brood laten stelen. Als de PvdA één van deze twee belangrijke punten had binnengesleept, dan had de kiezer waarschijnlijk op andere vlakken geaccepteerd dat de PvdA nìet het volle pond behaalde. Daar komt nog bij dat de hudige fractievoorzitter van de PvdA in de Tweede Kamer onherkenbaar is. Wouter Bos had in de Tweede Kamer moeten blijven. De PvdA-fractie is op belangrijke punten te verdeeld. Dit is nogmaals de vloek van de huidige tijd en dus van grote democratische partijen.

Ter vergelijking Zuidoost: De PvdA in Zuidoost is ook niet eenduidig in de bestrijding van het clientellisme. De PvdA in Zuidoost is een soort van bedrijfsverzamelgebouw. Er zijn geen duidelijk herkenbare standpunten, de PvdA in Zuidoost had evengoed een afdeling van de LPF kunnen zijn. Alleen het welzijnsjargon verraadt soms de sociaaldemocratische roots van de zuidooster afdeling. De onderlinge richtingenstrijd is voortdurend aanwezig maar wordt nooit uitgesproken, omdat behoud van de macht voorop staat. De drie PvdA-ers die zijn gedumpt voor de ogen van de camera's zijn niet willekeurig uitgekozen. André Bohla is alleen vanwege het aantal te behalen Hindoestaanse stemmen nog één keer op de lijst terug gehaald. Toen de zetels binnen waren was hij niet meer nodig. Mala Eckhardt was niet goed genoeg. Dat kon iedereen zien. Egbert Doest was en is een buitenstaander. Ook hij kon geslachtofferd worden. Met deze drie slachtoffers kon de VVD tevreden worden gesteld. Wat echter naar buiten komt, is een partij die haar zaakjes niet goed op orde heeft en pas tegen corruptie optreedt als dat omwille van behoud van de macht genoodzaakt is.

rol van burgers en van politici

Eddy Terstall is nog steeds bezig te werken aan zijn film "vox populi" en houdt niet op mee te denken over de politieke waan van de dag. Net als zovelen ziet ook hij de problemen wel, maar geen oplossing.

Een oplossing voor alle grote problemen die volgens vele andere Nederlanders binnen handbereik is, maar alleen bereikt kan worden doordat gebroken wordt met oude politieke denkbeelden. Mensen die zo denken, weigeren zich te verdiepen in de grote problemen zoals de integratie van nieuwkomers, het gebrek aan betaalbare woonruimte en het fileprobleem. Problemen worden vereenzelvigd met personen en partijen, oplossingen ook. De ene keer ligt het probleem aan het CDA, de volgende keer aan de PvdA. Dan zijn het de paarse kabinetten die alles veroorzaken, dan is het weer het kabinet Balkenende dat alle problemen veroorzaakt. En de oplossing staat gelijk aan andere personen. Dan is het Pim Fortuin die alle problemen als sneeuw voor de zon kan laten verdwijnen, dan is het Wouter Bos die alle problemen zal oplossen zodra hij aan de macht is. En iedere keer valt het resultaat van de wisseling in de wacht op nationaal niveau tegen.

In plaats dat de mensen beseffen dat het allemaal een stuk genuanceerder ligt, wordt de roep om De Grote Verlosser iedere keer groter en onrealistischer. Iemand die werkelijk gelooft dat Rita Verdonk garant staat aan een succesvolle regering die alle grote maatschappelijke vraagstukken even oplost, is het spoor volledig bijster. En toch zegt 20% van de kiesgerechtigden daarin te geloven, en bereid te zijn als een brave discipel De Grote Nieuwe Heiland, jawel, Rita Verdonk, te volgen. Dat zijn dan mensen die een groot wantrouwen koesteren tegenover iedere moslim, maar zelf minder nuanceringsvermogen bezitten dan welke zelfmoordterrorist dan ook.

Het is dus ook de burger die een belangrijke rol speelt in het huidige politieke slagveld. De burger moet de politieke partijen beoordelen op hetgeen een politieke partij over een aantal jaren op belangrijke dossiers aan resultaten heeft geboekt. Dat zou op dit moment voor de PvdA negatief uitpakken, maar dat kan over twee jaar geheel anders zijn.

Dat besef moet bij leden van de PvdA en bij PvdA-politici meer doorbreken. Dat de vox populi niet alles bepalend moet zijn, maar vooral de eigen koers en te daardoor te maken keuzes. Keuzes die te herleiden zijn tot nauw omschreven beginselen. Minder populisme en opportunisme. Meer echte politiek, door de echte debatten en gemaakte keuzes uit de achterkamertjes te halen en daarover verantwoording af te leggen. Pro actief handelen, noemde Ed van Thijn dat. Had hij dat zelf ook maar gedaan.

25 oktober 2007

***************************************

Wegens gebrek aan respect en teveel kritiek heeft de PvdA besloten deze weblog te sluiten.

**************************************

10 oktober 2007

demonstratie tegen politie in bijlmer

10 Oktober 2007

Onrustige demonstratie in Bijlmer

Een demonstratie in de Bijlmermeer in Amsterdam is onrustig verlopen. Zo'n 200 mensen demonstreerden vanavond tegen een politie-inval in een flat, waarbij vorige week een illegale Ghanees omkwam toen hij op zijn vlucht voor de politie van de zevende verdieping viel.

De demonstratie begon rustig, maar de sfeer sloeg om toen de betogers bij een politiebureau kwamen. Ze bekogelden agenten te paard en blokkeerden een weg. Een ambulance die op weg was naar iemand met een hersenbloeding werd tegengehouden en moest omrijden.

Om acht uur was het in de Bijlmer weer rustig.

8 oktober 2007

laf Nederland, laffe PvdA

A Dutch Retreat on Speech?

Monday, October 8, 2007; Page A17

And now we come to what may be a truly fundamental test, maybe even a turning point, for that part of the world generally known as the West.

The test is this: Are prominent, articulate critics of radical Islam, critics who happen to be citizens of European countries or the United States, entitled to the same free speech rights enjoyed by other citizens of European countries and the United States?

Legally, of course they are.

In practice, they can say what they want -- and then they can be murdered for doing so. That means that Western governments have a special and unusual responsibility to them, as many have long acknowledged. It is no accident that the writer Salman Rushdie, upon whom the Ayatollah Khomeini declared a fatwa on Feb. 14, 1989, is still very much alive. Though the details have not been publicized, it is assumed that Rushdie remains, one way or another, under the protection of the British police and secret services, both in Britain and abroad. This protection is completely uncontroversial -- in June, the queen even gave Rushdie a knighthood-- and as a result the fatwa has not prevented him from speaking, writing, publishing, even divorcing and remarrying several times over the past 18 years.

The case of Ayaan Hirsi Ali, the Dutch-Somali politician and writer, is different. Hirsi Ali has been under Dutch police protection since 2002, when her public comments about mistreatment of women in the Dutch Muslim community and references to herself as "secular" led to death threats in Holland.

Though encouraged to remain in the country -- and promised security protection -- by the government then in power, the mood in Holland changed in 2004. That year, a fanatic named Mohammed Bouyeri infamously murdered Theo Van Gogh, the director of a film about the oppression of Muslim women -- and then thrust a knife bearing a note threatening Hirsi Ali, who wrote the film's script, into the victim's chest.

Dutch society became, and remains, bitterly divided in the wake of the Van Gogh murder. Some of Hirsi Ali's compatriots decided it was time to address the issues of women, Islam and integration head on. The Dutch writer Leon de Winter, a defender of Hirsi Ali, talks openly about his country's failure to integrate Muslim immigrants, attributing the problem to the Dutch "guilt complex": "As soon as we let people from the Third World come here to work in our rich country, we . . . somehow saw them as sacred victims."

Others simply want Hirsi Ali and her ilk to go away forever, thereby keeping Holland out of the headlines and Amsterdam off terrorists' hit lists. Unlike the British, who have gotten used to the idea that faraway events can affect them, the Dutch, at least in this century, are more insular. That helps explain why, in 2006, the Dutch government tried to revoke Hirsi Ali's citizenship over an old immigration controversy, and why her neighbors went to court that year to have her evicted from her home (they claimed the security threat posed by her presence impinged upon their human rights). But although she did finally move to the United States, the argument continued in her absence. Last week, the Dutch government abruptly cut off her security funding, forcing her to return briefly to Holland.

The reasons given were financial, but there was clearly more to it. To put it bluntly, many in Holland find her too loud, too public in her condemnation of radical Islam. She doesn't sound conciliatory, in the modern continental fashion. Compare her description of Islam as "brutal, bigoted, fixated on controlling women" with the German judge who, citing the Koran, in January told a Muslim woman trying to obtain a divorce from her violent husband that she should have "expected" her husband to deploy the corporal punishment his religion approves. Hirsi Ali herself says she is often told, in so many words, that she's "brought her problems on herself." Now the Dutch prime minister openly says he wants her to deal with them alone.

Fortunately, Hirsi Ali is already back in the United States, under professional, full-time, well-resourced and for the moment privately organized protection. But this week, the Dutch parliament is due to debate her status once again. And once again, the Dutch will be confronted with the facts that Hirsi Ali remains a Dutch citizen; that the threat to her life comes at least in part from groups based in Holland; that she lives abroad because the Dutch political situation forced her to; and that when she speaks out, she does so in defense of what she believes to be Dutch values.

Whether or not the Dutch like it -- and I'm sure most of them don't -- revoking her police protection will send a clear message to the world: that the Dutch are no longer willing to protect their own traditions of free speech. Resources will be found, and she will recover. But will Holland?

applebaumletters@washpost.com

copyright: the washington post

4 oktober 2007

redt de vrijheid van meningsuiting, steun Ayaan!

Haat die Ayaan oproept, geeft nare bijsmaak

donderdag 4 oktober 2007 09:34

De hele kermis van de afgelopen week rond Ayaan begon met ‘vertrouwelijke’ documenten van het ministerie van Justitie die miraculeus bij de chef verslaggeverij van NRC Handelsblad belandden.

Nu bevindt zich in het bezit van RTL Nieuws een vertrouwelijke, nee, geheime brief van minister van Justitie Hirsch Balin aan Ayaan.

Welke ambities hebben die ambtenaren die zo lek zijn als een zeef? 

Geen idee. Wat wel duidelijk is dat ze een bloedhekel hebben aan Ayaan.

Gewelddadigheden
In de brief die bij RTL is beland schreef minister Ernst Hirsch Ballin dat er op dat moment geen aanwijzingen voor gewelddadigheden voor Ayaan waren. Een Amerikaans bedrijf dat die gevaren kan inschatten, noemde de situatie voor Ayaan enige tijd later geheel anders. Zij was ‘clearly at risk’ en er was zelfs sprake van een ‘direct death threat’, aldus RTL.

Dat doet er nu allemaal niet meer toe. Wat er toen wel of niet aan gevaren speelden, is nu ingehaald door de realiteit: wie denkt dat zij nu zonder beschermers door Amerika kan wandelen, hecht geen waarde aan haar leven.

Er zullen mensen zijn die daar geen probleem mee hebben, maar ik vind dat zij nog een tijdje recht heeft op deze aarde.

Woede
Een bericht dat stelt dat zij geen gevaar loopt, roept gevaren op. Er is veel gebeurd tussen december 2006, de datum op de brief, en nu. 
Ayaan is in Amerika bekend geworden en zij heeft ook daar de extremisten tot woede gebracht.

Imam ElBayly te Pittsburgh zei over haar: ‘Ze is iemand die het geloof beledigd heeft. Als je tot het geloof behoort moet je de wetten volgen, en wanneer je besluit die opzettelijk te beledigen, dan is de straf de dood.’

De logica is onweerstaanbaar, en het blijft intrigerend hoe dergelijke gelovigen te pas en te onpas met de dood zwaaien. Het geloof van die imam heeft weinig van doen met liefde of mededogen. Het gaat om ijzeren constructies met wetten en straffen, en dat alles rondom een volstrekt onbevattelijk godsidee.

Oppassen
Dergelijke extremisten leven ook in Amerika. En ze hebben hun oog op Ayaan laten vallen. Ze moet dus oppassen, en het lijkt me dringend nodig dat de Nederlandse overheid, eventueel in samenwerking met de Amerikaanse, haar veiligheid financiert totdat zij daar zelf voor kan zorgen.

Ik heb Ayaan in juni in Amerika gezien, met bewakers, dus ik heb een goede indruk van hoe de beveiliging rondom haar geregeld is. Ik weet dus ook dat er onwaarschijnlijke hoeveelheden onzin in de kranten staan. Maar ook dit doet er niet meer toe. Wanneer een brief circuleert waarin staat dat een persoon die bedreigd wordt, niet meer bedreigd wordt, en dat beveiliging dus niet nodig is, dan is die persoon in groot gevaar.

Haat
Wat een nare bijsmaak bij dit alles geeft is de haat die zij tegenwoordig oproept. Informatief is de site van De Telegraaf, waar het riool zo ongeveer overloopt met reacties vol afkeer, racisme, vrouwenhaat.

Het was verstandiger geweest als Ayaan zich direct na aankomst in Nederland had laten zien, bij Nova of Pauw & Witteman, om zich te verklaren en haar situatie uit te leggen. Maar ik heb begrepen dat zij er doorheen zit, zoals dat in wielertermen heet, en eventjes nodig heeft om op te krabbelen.

Dit is een nieuw hoofdstuk in dit koningsdrama. Ze wordt nu uitgekotst, nadat ze ooit als held op handen werd gedragen. Het wordt tijd dat iemand hier eens een aardig toneelstuk van maakt. Kom, hoe heet die jongen uit Engeland al weer? William? William Shakespier of zoiets?

Leon de Winter

copyright: www.elsevier.nl

2 oktober 2007

voorlopige voorziening MZO toegewezen

Muziekschool Zuidoost behoudt subsidie

Amsterdam, 1 oktober 2007 - De bestuursrechter heeft het besluit van het stadsdeel Zuidoost om de subsidie voor de Muziekschool Zuidoost over 2007 met ingang van 1 september 2007 stop te zetten, geschorst.
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Zuidoost was tot dat besluit overgegaan omdat de financiële situatie van de Muziekschool dermate nijpend is dat niet aannemelijk is dat de gesubsidieerde activiteiten (langer) zullen plaatsvinden.
De rechter is van oordeel dat er thans onvoldoende concrete aanwijzingen zijn, zoals bijvoorbeeld een faillissement(saanvraag) of surseance, dat de Muziekschool de subsidie niet zal besteden voor de activiteiten waarvoor zij bestemd is. Daarom heeft de rechter het verzoek van de Muziekschool om een voorlopige voorziening te treffen, toegewezen en het besluit van het stadsdeel geschorst.

LJ Nummer


Bron: Rechtbank Amsterdam
Datum actualiteit: 1 oktober 2007

28 september 2007

Lodewijk Asscher: deelraden opdoeken

Wat vind Lodewijk Asscher, wethouder Financiën van de gemeente Amsterdam, van de aanpak van Ella Vogelaar, minister van wijken?
'Het kan' (de aanpak van EV, GK) 'maar het duurt lang en is nooit eendimensionaal. Het grote gevaar van die aanpak is dat het simplificeert. Veertig buurten en zoveel geld. De focus is erg op geld, terwijl de echte vragen in de organisatie zitten, in een pedagogisch klimaat, in de organisatie van het onderwijs, in een mentaliteit. Als wethouder van financien heb ik wel geleerd dat je metr geld niet alles oplost. Met kortetermijneffecten verbeter je het leven van de mensen niet.'
Wat vind Lodewijk Asscher van de deelraden?
'De deelraden moeten de komende jaren hard werken aan hun draagvlak en legitimiteit. Het betekent dat zij moeten doen waarvoor zij zijn bedacht: dicht bij de mensen staan, de problemen concreet aanpakken. Daar waar een hindermacht ontstat of vertragende bureaucratie die de burgers een onduidelijke belastingheffing oplegt, gaat het draagvlak snel afkalven. Er moet beterschap komen, anders wordt de vraag tot opdoeken van de deelraden heel actueel.'
Bron: het weekblad Elsevier

25 september 2007

dubbele gevoelens over PvdA

De politiek is een kwestie van dubbele belangen, dubbele agenda's en dubbele gevoelens.

Dubbel dus.

De PvdA-fractie in de Tweede Kamer heeft besloten mee te gaan in de wens van het CDA géén referendum te houden over het nieuwe EU-verdrag. Hoewel ik zelf tegen referenda ben, omdat daarmee de vertegenwoordigende rol van onze volksvertegenwoordiging wordt uitgehold (waarom zou je nog volksvertegenwoordigers kiezen, als het volk over belangrijke dossiers met een simpele ja of nee zaken muurvast in slot kan zetten), vind ik het onbegrijpelijk hoe slecht de PvdA haar volksvertegenwoordigende rol waar maakt.

Dat is ook weer dubbel inderdaad. Want de PvdA heeft van het referendum over het nieuwe EU-verdrag een verkiezingsitem gemaakt. Hoewel een referendum dus de volksvertegenwoordigende rol van politici uitholt, is het waarmaken van je belofte als politicus richting je kiezers essentieel voor het vertrouwen van kiezers in hun volksvertegenwoordigende organen.

Voor wat hoort wat. De PvdA heeft echter meer ijzers in het vuur. Het ontslagrecht, dat vooral slecht functionerende en moeilijk te ontslaan werknemers beschermt, is zo'n ijzer. Dat ontslagrecht wil de PvdA behouden. Blijkbaar heeft de PvdA de keuze gemaakt om ten koste van het referendum het ontslagrecht als breekijzer te laten fungeren. Het ontslagrecht zal dus niet worden aangepast, maar het referendum gaat niet door. Wat mij betreft een slechte keuze.

Helaas is de PvdA een verkeerde weg ingeslagen. De PvdA had niet moeten gaan regeren met het CDA met een dichtgetimmerd regeerakkkoord vol met niet-onderhandelbare geheime afspraken. Het onderzoek naar Irak. De militaire missie in Afghanistan. Als deze thema's aan de orde komen in lokale PvdA-afdelingen, dan zijn bij de oude getrouwe sociaal-democraten de meningen onverdeeld eenduidig: Er moet een onderzoek komen naar de politieke steun door Nederland aan de inval in Irak en de missie in Afghanistan moet worden beëindigd. Ergens in Den Haag zijn echter afspraken gemaakt. Afspraken om de regeringsdeelname van de PvdA niet in gevaar te brengen.

Maar wat brengt de regeringsdeelname? Ik was in het begin aarzelend positief over deze regering. Ik ben op dit moment echter negatief. De Christenunie is een verzameling reactionaire gristenen met achterhaalde denkbeelden over mens en maatschappij. Balkenende is geen premier en geeft op geen moment leiding. De door Wouter Bos opgestelde begroting is de slechtste begroting sinds de begroting voor 1983, van het tweede en derde kabinet Van Agt. Er wordt een enorme hypotheek gelegd op toekomstige economische groei, die in het geheel niet zeker is. Keuzes worden niet gemaakt, keuzes die wel gemaakt moeten worden. De aftrek van de hypotheekrente en de verstoorde verhoudingen op de woningmarkt blijven.

Maar de politieke koers van de PvdA is niet politiek. Het is een verstandige koers vanuit bestuurlijk oogpunt gezien, gericht op behoud van de macht en op de verdediging van gevestigde belangen. Wouter Bos en Jacques Tichelaar zijn van het zelfde kaliber als Wim Kok. Anders van karakter, maar op dezelfde wijze begaan met het bestuur van Nederland. Niet vanuit een ideologie, niet vanuit een voortdurend debat binnen de partij over de te kiezen koers zoals Joop den Uyl dat deed, maar pragmatisch en op basis van adviezen van een select gezelschap adviseurs.

Het verlangen naar de ouderwetse politieke PvdA, de PvdA die in de jaren tachtig de oppositiebanken goed warm hield, steekt de kop weer op. De begroting van Wouter Bos geeft aan dat hij niet de weg durft op te gaan die hij als liberaal eigenlijk zou willen gaan, namelijk de weg van een solide en betrouwbare overheid. De weg van Gerrit Zalm. Hij laveert tussen de linker en rechterstroming binnen de PvdA. Als de linkerstroming binnen de PvdA de overhand gaat nemen, dan is Wouter Bos geen onbestreden leider meer. Dan moet hij nog meer laveren en uiteindelijk toegeven. En die linkerstroming neemt automatisch de overhand als de PvdA weer een echte ledenpartij wordt.

Ik heb daar een dubbel gevoel over. Omdat het goed voor Nederland zou zijn, als Wouter Bos de overheidsfinancien weer ter hand zou nemen zoals ooit Gerrit Zalm dat deed in het eerste kabinet Kok. Dat is echter slecht voor de PvdA als politieke partij, omdat politiek dan ondergeschikt wordt gemaakt aan het besturen van Nederland.

Het zou voor de PvdA zelf beter zijn als de PvdA weer een echte ledenpartij wordt. Desnoods met ononderhandelbare standpunten. Maar dat levert wel weer een permanent verblijf in de oppositiebanken op.

Mijn keuze nu: Opnieuw onderhandelen met het CDA. En de PvdA moet zich dan niet laten afschepen met het behoud van het huidige disfunctionerende ontslagrecht. De PvdA moet meer scoren op door leden als belangrijk ervaren thema's als Europa en de oorlog tegen Irak. Dan liggen Wouter Bos en de PvdA weer beter op koers. Want hoe dubbel de agenda's en belangen in de PvdA-top ook zijn, niemand in de PvdA is er op welke wijze dan ook bij gebaat als de PvdA-kiezers blijvend van de PvdA vervreemd raken. En uiteindelijk Nederland ook niet, omdat die vervreemding het vertrouwen van de Nederlandse kiezer in de volksvertegenwoordigende rol van de politieke partijen ondermijnt.

Rest mij nog om aan Lilian Ploumen veel sterkte te wensen, bij haar missie om van de PvdA weer een bloeiende vereniging te maken.

21 september 2007

Ben jij wel Nederlander?

Al het overheidsbeleid is gericht op één Nederlandse identiteit, terwijl er eigenlijk helemaal niet één soort Nederlander is. Dat zegt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in het rapport ‘Identificatie met Nederland’ dat vandaag verschijnt.

Van allochtonen wordt verwacht dat zij weten hoe ze zich als Nederlander moeten gedragen. "Maar hoe doen ze dat dan?", vraagt de WRR zich af, want onze vaderlandse geschiedenis is alles behalve eenduidig.

Geschiedenis
Geprobeerd wordt om onze geschiedenis dan in een canon te simplificeren, want in Nederland weten jongeren niet meer wie Willem van Oranje is en waarom hier Surinamers wonen. "Maar dan doen we onze geschiedenis geweld aan", vindt de WRR.

Ook de inburgeringscursussen zijn daar een voorbeeld van, vindt de Raad. "Het examen is bedoeld om mensen zich te laten identificeren met Nederland, maar nu is het eerder een examen om aan te tonen dat je een Nederlander bent."

Valt het ‘idee van Nederland’ dan nog wel samen met het huidige Nederland? Nee, zegt de WRR. Ook VPRO’s Tegenlicht vraagt zich in een reeks uitzendingen (vanaf 17 september) af wat onze identiteit nu eigenlijk inhoudt en is daarom een zoektocht gestart.

Hot
Identiteit is 'hot'. De makers van Tegenlicht vinden dat merkwaardig, omdat het begrip identiteit nog niet zo lang geleden achterhaald leek. "Identiteit was als politiek thema een beetje verdacht, als cultureel uitgangspunt een beetje provinciaals en als filosofisch thema onhoudbaar", aldus de makers van Tegenlicht.

Maar volgens de documentairemakers zijn de tijden veranderd. De premier spreekt vol vuur over de VOC als bindmiddel in ons besef van normen en waarden. Wetenschappers zijn druk doende allerlei canons te bedenken die ons cultureel erfgoed samenvatten tot een behapbare 'identiteit'. We kiezen De Nederlander Van De Eeuw om zo dichter bij onze geschiedenis, onze wortels, ons zelfbewustzijn te geraken.

Oplossingen
Maar Jan Modaal bestaat niet. De regering slaat de plank mis, maar hoe moeten we onze identiteit dan wel benoemen? De WRR kaart niet alleen de problemen aan, maar komt ook met oplossingen. De raad adviseert de overheid de aandacht te verleggen van nationale identiteit naar processen van identificatie met Nederland.

Identificatie met Nederland is veel meer dan liefde voor en loyaliteit aan het (nieuwe) vaderland. Het gaat uiteindelijk om het bouwen aan wederzijds vertrouwen en om vertrouwen in de samenleving als geheel. Dat vertrouwen kan volgens het rapport op drie manieren worden verwezenlijkt: door de functionele, normatieve en emotionele identificatie.

Functionele identificatie
- Mensen moeten worden gezien als individu en niet als lid van een etnische groep
- Als je dingen samen doet kom je meer over de ander te weten. Op die manier verdwijnt de stereotypering
- Hard optreden tegen discriminatie
- Investeren in veilige buurten: initiatieven door buurtbewoners kunnen de samenhang van de buurt als gemeenschap versterken

Normatieve identificatie
- Mensen moeten de mogelijkheid krijgen om de voor hen betekenisvolle normen te volgen
- Meer stemmigheid in de media en andere geluiden en beelden plaats geven
- Representatie in politiek en overheid: openbaar maken van uiteenlopende opvattingen met als doek de discussie over normen binnen het publieke domein te trekken

Emotionele identificatie
- Er is een onterechte vermenging ontstaan tussen loyaliteit en nationaliteit. Het hebben van een of meerdere paspoorten zegt niets over iemands loyaliteit aan Nederland
- Vieren van emotionele verbondenheid. Festiviteiten, rituelen en symbolen kunnen emotionele identificatie ondersteunen. Naturalisatieceremonies zijn hiervan een voorbeeld
- Het is een taak voor de overheid om het recht op eigen keuze ook in andere landen te verdedigen en druk uit te oefenen op landen waar het afstaan van nationaliteit niet mogelijk is.

Wil je meer weten over het onderzoek, bekijk dan het Rapport Identificatie met Nederland

Site20klederdracht

segregatie in onderwijs bestrijden

Basisscholen moeten de wettelijke opdracht krijgen een ‘verbinding’ te leggen tussen bevolkingsgroepen. Dat zegt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in het rapport Identificatie met Nederland, dat maandag verschijnt. De Raad wil een halt toeroepen aan de voortgaande segregatie in het onderwijs.

De in artikel 23 van de grondwet vastgelegde vrijheid van onderwijs moet onverkort blijven gelden, vindt de raad, maar dat artikel mag geen reden zijn om experimenten met gemengde scholen te belemmeren. Ouders en scholen die meer bevolkingsgroepen de school in willen halen, zouden daarin gesteund moeten worden door de wet. ‘Dan ontstaat er ruimte voor school- en gemeentebesturen om met behoud van het beginsel van vrije schoolkeuze, op lokaal niveau te experimenteren’, aldus WRR-lid Pauline Meurs. ‘Hoe lastig ook, scholen die met hun rug naar de samenleving staan, moeten gecorrigeerd kunnen worden.’

In het rapport zegt de Raad ook dat het integratiedebat niet gebaat is bij de fixatie op het begrip ‘nationale identiteit’. Het is beter ernaar te streven dat nieuwkomers zich identificeren met Nederland. Vanuit dat perspectief is er niets mis met een dubbele nationaliteit.

De WRR adviseert het woord allochtonen zo min mogelijk te gebruiken, ook al introduceerde de Raad zelf dat woord in 1989 in het rapport Allochtonenbeleid. Het woord is niet neutraal meer, stelt de Raad.

Voorts vindt de Raad dat niet alleen nieuwkomers zich moeten aanpassen aan de normen van Nederland, maar ook dat Nederlanders bereid moeten zijn hun normen aan te passen aan die van nieuwkomers. Bijvoorbeeld op het terrein van religie en seksualiteit. Zo is de tolerantie voor de islam te laag en zijn vraagtekens bij de seksualisering van onze samenleving gerechtvaardigd.

Lees zaterdag meer in de Volkskrant

16 september 2007

politieke corruptie/ karaktermoord

Gepost op: zaterdag 15 september '07 - 20:37

In de PvdA heeft men het continu over het belang van ledendemocratie. Het staat hoog in het vaandel. Er wordt gestreden om de ledendemocratie in ere te herstellen. Dat betekent dat de ledendemocratie momenteel een aanfluiting is binnen de PvdA. Dit speelt al jaren in de PvdA, zonder dat men zich rekenschap geeft om de interne en externe effecten c.q. gevolgen hiervan. De relevantie van ledendemocratie wordt met verve naar buiten toe gepresenteerd, terwijl diezelfde establishment binnen de PvdA van binnenuit de ledendemocratie de nek omgedraaid heeft en thans wederom alles in het werk stelt om eerlijke verkiezingen voor het voorzitterschap op allerlei manieren te ondermijnen. "Het mag Pronk niet worden, koste wat kost'. Machiavelli, het doel heiligt de middelen.
Ik constateer dat Jan Pronk grote steun geniet onder de gewone leden, maar dat het establisment alles in het werk stelt om te voorkomen dat hij partijvoorzitter wordt. Het establishment voelt zich bedreigd. Het gaat om macht en niet om ledendemocratie. Persoonlijke aanvallen worden niet geschuwd. Bijna alles wordt uit de kast gehaald om de kandidatuur en de mogelijkheid dat Pronk gekozen wordt onmogelijk te maken dan wel te dwarsbomen. Campagnes gericht op persoonlijke beschadigingen, is de PvdA niet vreemd. Het komt regelmatig voor.
Stemmingmakerij en het verkondigen van leugens en onwaarheden horen er kennelijk bij. Deze lieden die zich hieraan schuldig maken, overschrijden vele grenzen. Fatsoen, democratie, sociaal democratie, maar vooral de principes van de PvdA zelf. Door de stelling te verkondigen 'dat Pronk gevaarlijk is' wordt op de persoon gespeeld. Het is onfatsoenlijk, maar ook gevaarlijk om dit soort uitlatingen te doen. Pronk heeft vele functies bekleed met een grote mate van betrokkenheid en met instemming van vele PvdA'ers.

Het is bijna routinematig geworden binnen de politieke elite van de PvdA om personen te beschadigen die soms de beste kansen maken, maar die men liever niet wilt om de hen moverende redenen. Redenen die ook weer met macht te maken hebben.
Het politieke establishment met Koole in de voorste gelederen weten hier alles van. Het komt voor op alle niveaus binnen de PvdA. In 2001 heb ik e.e.a. zelf ondervonden. De leugens en onwaarheden die verteld worden, worden oh zo makkelijk overgenomen door de kudde en z.g. conformisten. En de media doet daar vrolijk aan mee. Geen research journalistiek, maar knip- en plakwerk ziet men maar al te vaak. Ik zou aan Ruud Vreeman willen vragen waarom hij Pronk gevaarlijk vindt en naar de ratio van zijn uitlating in de media. Zijn uitlating gaat verder dan persoonsbeschadiging. Het heeft veel weg van karaktermoord. Pronk zal straks op twee, misschien zelf drie fronten moeten strijden. In de media om onjuistheden en valse beschuldigingen te weerleggen. Binnen de PvdA zelf vanwege de strijd om het voorzitterschap. Maar vooral de strijd tegen het establishment dat voortdurend de interne democratie van binnenuit verkracht. Men probeert het imago van Pronk te besmeuren en daar moet hij zich terecht tegen verweren. De personen die zich hieraan schuldig maken of zich hiervoor lenen zijn degenen die de PvdA van binnenuit uithollen en kapotmaken. De grootste bedreiging voor de PvdA is niet de SP, het CDA of anderzins. De grootste bedreiging voor de PvdA komt van binnenuit de PvdA.

wesley amzand

copyright: www.amsterdam.pvda.nl

13 september 2007

confrontatie scholieren in Reigersbos

Vandaag was er een grote politiemacht aanwezig om relletjes bij de scholengemeenschap Reigersbos in de kiem te smoren.

Ik zag bloedspetters op de stoep. Scholieren stonden in groepjes naar elkaar te kijken, de confrontatie verplaatste zich later naar het winkelcentrum. Scholieren durfden niet te praten. Winkeliers zeiden dat dit vaker voorkomt.

Wat is er gebeurd? Gebeurt dit vaker? Heeft iemand contact met de politie, en zoja; Wordt dit soort incidenten wel gemeld? Of probeert de scholengemeenschap Reigersbos dit stil te houden, uit angst om een slechte naam te krijgen?

11 september 2007

Anton de Kom-lezing

Anton de Kom-lezing over homoseksualiteit en geloof

28-08-2007 Peter Bergwerff, hoofdredacteur van het Nederlands Dagblad, houdt de Anton de Kom-lezing 2007 over homoseksualiteit en geloof. Deze lezing wordt door Art. 1, de koepel van anti-discriminatiebureau's, op 27 september a.s. gehouden in het Verzetsmuseum te Amsterdam. In dat kader wordt ook een enquête gehouden over dit thema - zie daarvoor de link onderaan in dit bericht.

Opvattingen van gelovigen over homoseksualiteit: de grens tussen vrijheid van meningsuiting en homodiscriminatie.

Wij, Nederlanders, zijn trots op de verworven vrijheden in ons land, waar ruimte is voor diverse religies en levensovertuigingen. We vinden het belangrijk dat iedereen in onze samenleving zijn stem laat horen en zich niet belemmerd voelt een afwijkende mening te hebben of zelfs kritiek te uiten. Daarbij hechten we in Nederland veel waarde aan het recht op gelijke behandeling. Bij wet is geregeld dat iedereen in gelijke gevallen, gelijk behandeld wordt, ongeacht etnische afkomst, sekse, religie of seksuele gerichtheid.

Hoewel deze grondwettelijke waarden op papier vredig naast elkaar staan, lijken ze in de praktijk soms met elkaar te botsen. Zo ontstaat er vaak onenigheid wanneer mensen op basis van hun geloof zich al dan niet discriminerend uitlaten over homoseksualiteit.

Maar wanneer houdt nu onze vrijheid van meningsuiting op en bevinden we ons op het vlak van homodiscriminatie?

De Anton de Kom-lezing 2007 op donderdag 27 september gaat over deze ogenschijnlijke botsingen tussen vrijheid van meningsuiting en discriminatie van homoseksuelen.

Anton de Kom-lezing

Sinds 2002 organiseren Art.1 en het Verzetsmuseum Amsterdam ieder jaar een gezamenlijke lezing over intolerantie en discriminatie.

De samenwerking tussen Art.1 en het Verzetsmuseum laat zien dat discriminatie en het verzet ertegen van alle tijden is. Voorheen heette deze voordracht LBR-lezing; met de naamsverandering van het LBR (Landelijk Bureau ter bestrijding van Rassendiscriminatie) naar Art.1 in 2007, heeft de lezing ook een nieuwe naam gekregen, de Anton de Kom-lezing. Met het vernoemen van de lezing naar Anton de Kom menen Art.1 en het Verzetsmuseum Amsterdam recht te doen aan de inhoud ervan.

De Kom (1889 – 1945) kwam als schrijver op voor zijn Surinaamse landgenoten tijdens de koloniale onderdrukking en was verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog. Zijn onvermoeibare strijd tegen onrecht vormt een inspiratie voor zowel Art.1 als het Verzetsmuseum Amsterdam.

Geloof en homoseksualiteit

De Anton de Kom-lezing 2007 wordt verzorgd door de hoofdredacteur van het Nederlands Dagblad, Peter Bergwerff. Hij zal zijn visie geven op de (on)mogelijke combinatie van geloof en homoseksualiteit en in hoeverre gelovigen in hun benadering van homoseksuelen de wet overtreden.

Herman Meijer, voorzitter bestuur Art.1 en voorzitter van de Dialoog Adviesraad over homoseksualiteit, religie, levensbeschouwing en ethiek, zal als coreferent reageren op de lezing.

Daarna krijgt de zaal gelegenheid om mee te discussiëren. De lezing wordt afgesloten met een drankje in de entreehal van het museum.

U bent van harte uitgenodigd!

Locatie enz

Locatie: Verzetsmuseum Amsterdam, Plantage Kerklaan 61 (schuin tegenover Artis).
Datum: Donderdag 27 september.
Tijd: De bijeenkomst start om 19.30 uur (zaal open 19.00 uur).
Entree: Entree tot de Anton de Kom-lezing is gratis. In verband met het beperkte aantal plaatsen is reserveren noodzakelijk!
Reserveren: Per telefoon 020 – 620 25 35 of per e-mail info@verzetsmuseum.org. Wat is uw mening over religie en homoseksualiteit?

Enquête

In het kader van de lezing houden wij een korte enquête met acht stellingen. De stellingen zijn gerelateerd aan het thema religie en homoseksualiteit. We zijn benieuwd of u het wel of niet eens bent met deze stellingen, bijvoorbeeld:

Alle jongeren moeten op school leren om homoseksuelen te accepteren.
Binnen de religieuze gemeenschap moet het afwijzen van homoseksualiteit mogelijk zijn.

U kunt meedoen door via onderstaande link de enquête te openen en in te vullen (duurt ongeveer 10 minuten) en naar Art.1 terug te sturen (antondekomlezing@art1.nl).

Uiteraard worden al uw gegevens en antwoorden vertrouwelijk behandeld.

Open de enquête & laat uw mening horen!.
Stuur de enquête ook door naar andere geïnteresseerden in uw omgeving!

Klik hier om de enquete te openen.

[Bron: Art. 1]

8 september 2007

De afgelopen jaren waren een blamage

door Jan Salden

Koken van woede, maar dan toch de emotie in goede banen leiden. PvdA-kanon Klaas de Vries verloor in de meest roerige jaren - de moord op Fortuyn, de crisis rond Ayaan - nooit zijn zelfbeheersing. Nu blikt hij terug, gepassioneerd. ,,De afgelopen jaren waren een blamage.''

Image

,,Ik was een paar dagen weg als Kamerlid toen er een motie werd aangenomen over het generaal pardon. Dat heeft me ontzettend ontroerd. Ik moest vooral terugdenken aan de kinderen die hier zulke mensonterende dingen hebben meegemaakt. Hoe ze in gevangenissen zijn opgesloten, op straat gezet, gescheiden van hun ouders.

Men zegt wel eens dat de manier waarop je met kinderen omgaat tekenend is voor de beschaving van een land. Wat dat betreft waren de afgelopen jaren een blamage. Ik heb veel moeten terugdenken aan de periode voor de Tweede Wereldoorlog. Grote aantallen vluchtelingen zochten toen hun heil in Nederland, maar werden met een koude schouder ontvangen.

De afgelopen jaren is eigenlijk hetzelfde gebeurd. Ik ben voor een streng en rechtvaardig asielbeleid, maar het moet wel humaan zijn. Dat betekent dat je rekening houdt met de mensen over wie het gaat. Dat schortte er bij minister Verdonk enorm aan. Dat heeft tot hemeltergende situaties geleid: gezinnen met kinderen die 's nachts werden opgehaald en op straat gezet, oude vrouwtjes van tachtig die met hun rollator eindeloos in asielcentra werden opgeborgen, gezinsleden die van elkaar werden gescheiden, de man hierheen, de vrouw daarheen.

Er zijn mensen die het woord deportatie in de mond hebben genomen. Verdonk sprak daar schande van, omdat er een vergelijking werd gemaakt met de Tweede Wereldoorlog. Ik heb dat zelf nooit gedaan. Dan nog, je mag toch wel aan bepaalde zaken dénken? Het is juist de bedoeling dat we leren van fouten die in het verleden zijn gemaakt.

Exemplarisch vond ik de gang van zaken rond het Kosovaarse meisje Taïda Pasic. Ik heb nog nooit een minister zich zo onwaardig zien gedragen. Hoe zo'n jong meisje door haar in de Tweede Kamer werd be­jegend, met zoveel haat in de ogen. Nu studeert Taïda nota bene weer hier in Nederland. Dan denk ik: waar was Verdonk mee bezig?

Het meest vermoeiende was dat met Verdonk geen discussie mogelijk was. Ze was niet toegankelijk voor welk argument dan ook. Dat zijn toch de belangrijkste lessen voor een bewindspersoon: verantwoording afleggen is het hart van de democratie. Van dat gevoel had Verdonk geen enkele last.

Of ik gekookt heb van woede? Emotie hoort bij het politieke gevecht, maar je moet die proberen te kanaliseren. Je moet afstand houden, ook naar de mensen om wie het gaat, een beetje zoals een huisarts doet. Als je je hart niet laat spreken en als je het verdriet en de verontwaardiging niet voelt, dan kun je als politicus niet functioneren.


Ik ben opgegroeid in een protestants gezin in het katholieke Limburg. Zowel de ouders van mijn vader als van mijn moeder zijn begin vorige eeuw vanuit Friesland naar de staatsmijnen getrokken. Mijn vader was leraar. Hij was een van de eerste zogeheten doorbraaksocialisten; hij ging van de CHU naar de PvdA en werd wethouder voor die partij in Hoensbroek. Mijn ouders hebben me vooral zorg en respect voor andere mensen bijgebracht. Wij waren een van de eersten bij ons in de buurt die televisie kregen. Toen de buren met Pasen naar de zegen van de paus kwamen kijken, zei mijn vader: 'Het kan zijn dat ze gaan knielen. Dat vinden wij raar, maar je moet maar net doen of je het niet ziet.' Dat was tekenend voor mijn ouders.

Mijn vader overleed drie weken voor de moord op Pim Fortuyn. Op de dag van de moord was ik op verkiezingscampagne in Doetinchem. Ik hield een toespraak toen mijn politiek assistent me een briefje bracht. Mijn chauffeur had op de radio gehoord dat Fortuyn was neergeschoten en overleden. Het emotioneerde mij enorm, omdat ik Fortuyn vrij goed kende.

Of ik de moord op Fortuyn als de zwartste bladzijde uit mijn loopbaan beschouw? Iets is pas een zwarte bladzijde als je zelf echt een grote fout hebt gemaakt. Ik ben overtuigd dat we alles hebben gedaan wat we konden. Er was gewoon geen zicht op deze moordenaar.

Het is lange tijd mode geweest nogal denigrerend over Paars II te praten. Ik vind dat lachwekkend. Alleen al op immaterieel gebied is het een belangrijk kabinet geweest. De invoering van het homohuwelijk is zó'n enorme verworvenheid. Het betekende voor zo veel mensen een erkenning van hun volwaardigheid.

Door het CDA wordt altijd gesproken over 'de puinhopen van Paars', maar die kabinetten waren zoveel beter dan de kabinetten Balkenende I, II en III. Kijk naar hoe het land er nu bij staat, naar de onderlinge verhoudingen en het respect voor elkaar. Dat heeft echt geleden onder de toonzetting in het debat over vreemdelingen. Fatsoen in een maatschappij bouw je heel langzaam op, maar je breekt het zo snel weer af.

*****

Ik maak me zorgen over hoe groepen mensen over één kam worden geschoren. Hoe er over een miljoen moslims wordt gepraat, alsof dat een totaal homogene groep zou zijn. We hebben het toch ook niet over de christenen?

De opmars van Geert Wilders vind ik uitermate zorgelijk. Neem zijn pleidooi om de Koran te verbieden. Hij wil miljoenen mensen het dierbaarste dat ze hebben afpakken. Natuurlijk zijn er altijd wel mensen die het daarmee eens zijn. Extremen - links of rechts - trekken altijd kiezers.

Of ik Wilders extreemrechts vind? Als je de Koran, een boek dat door een miljard mensen wordt gelezen en aanbeden, wil verbieden, dan zit je in een andere categorie, dat is grotesk.

Dat Wilders het zo goed doet, komt ook door een gebrek aan leiderschap in Den Haag. Wat dat betreft zijn de grote partijen er slecht aan toe. Eigenlijk is alleen Jan Marijnissen in de loop der jaren een stevige, betrouwbare leider voor zijn eigen club geworden.

Mark Rutte gedraagt zich als een schichtige schoothond van Verdonk. Ik acht hem best in staat een helder liberaal standpunt te formuleren, maar soms denk ik ook: hij is zichzelf niet. Neem nou dat debat over de dubbele nationaliteiten. Dat de VVD daar opeens een probleem over maakte is in strijd met haar liberale traditie. Waarom doet Rutte dat dan? Omdat Wilders en Verdonk hem daartoe dwingen.

Bij de PvdA zie je het ook. Bos is de verkiezingscampagne begonnen met de hypotheekrenteaftrek op de agenda te zetten. Nu wordt daar in het regeerakkoord met geen woord over gerept.

Of neem de Nederlandse bijdrage aan de oorlog in Irak. De PvdA roept al jaren om een onderzoek naar de manier waarop dat besluit tot stand is gekomen en dan geeft Bos het tijdens de formatieonderhandelingen weg. Ik vind dat het Nederlandse volk recht heeft te weten hoe het kabinet tot zo'n beslissing is gekomen.

Politici hebben een steeds grotere neiging hun standpunten aan te passen aan wat kiezers vinden. Ik denk dat het onzekerheid is, electorale angst. Politiek is voor mij naar mensen toe gaan, met ze praten en dan uitleggen hoe je ertegenaan kijkt. Bos was daar bij uitstek geschikt voor, maar bij de laatste campagne is het te veel verzand in adviesgroepjes en intern gekwetter.

Ik betwijfel of Jan Pronk de ideale partijvoorzitter is. Dat hij in 2002 meteen zijn zetel opgaf nadat hij in de Tweede Kamer was gekozen, heeft me verbijsterd. Ik dacht: wat zullen we nu meemaken? Net toen de partij hem nodig had, heeft hij zich ervan losgemaakt en niets meer van zich laten horen.

Ik ben het vaak eens met Pronk, maar hij is natuurlijk een man van sterke opvattingen. Hij zal zich zodanig op de politieke agenda concentreren dat hij anderen binnen de partij, zeker Bos, in de problemen zal brengen. Ik vind dat niet de taak van een voorzitter. Die moet zich bezighouden met de vraag hoe de partij het beste functioneert en niet de politiek leider uithangen. Maar dat past niet bij Jan Pronk. Hij heeft zijn kans in 2002 laten lopen.

*****

Sinds ik weg ben uit de Kamer heb ik me nog geen dag verveeld. Ik heb al mijn spullen thuis in de studeerkamer en op zolder gezet en heb nog geen tijd gehad ze te ordenen. De Eerste Kamer slokt, als je het goed wil doen, veel tijd op.

Verder bekleed ik een aantal commissariaten en doe ik andere dingen die ik leuk vind. Componeren bijvoorbeeld. Of nou ja, zeg maar liedjes schrijven. In de loop der jaren heb ik een aanzienlijk oeuvre aan kerst-, liefdes- en cabaretliedjes opgebouwd. Nu moet ik nog iemand vinden die ze gaat zingen.

In de zomer fiets ik veel met mijn vrouw en dan borrelen er allerlei ideeën op. Meestal vallen tekstidee en melodie samen. Dan zit ik wat te krabbelen en doe ik een avond over vier regels.

Sinds kort zit ik in het Goethe-trio met een fantastische zanger en een pianist. We hebben een programma gemaakt, waarbij ik verhalen van Goethe, Schnitzler en Zweig voordraag, die worden omlijst door prachtige muziek. Mensen waarderen het en ik kan daar zelf ook van genieten.

Nu houden we het vooral bij huiskamerbijeenkomsten, maar ons doel is uiteraard een uitverkocht Carré.''

copyright: www.nd.nl

Yvette Lont stapt niet over naar OZO

Lont blijft bij CU na excuses voorzitter

Het Amsterdamse deelraadslid Yvette Lont stapt niet uit de ChristenUnie. Na een gesprek tussen Lont en partijvoorzitter Peter Blokhuis is de lucht geklaard, aldus een gezamenlijke verklaring.

Het gesprek, vrijdagmorgen (7 september) op het ChristenUnie-partijbureau in Amersfoort, leidde tot de conclusie dat Lont en het partijbestuur ,,op één lijn'' zitten en ,,heel graag samen verder'' willen. Tussen Lont en de CU-leiding was frictie ontstaan na uitspraken van de Amsterdamse politica over homoseksualiteit.

Volgens de verklaring hebben Lont en Blokhuis ,,de in de afgelopen week ontstane situatie nauwkeurig onder de loep genomen''. Daarbij heeft Lont gezegd waarom zij zich 'monddood' gemaakt voelde: ,,Na een telefoongesprek met de voorzitter, ben ik in de afgelopen week in de communicatie belemmerd om met mijn opvatting naar buiten te treden.'' Blokhuis betreurt dat het telefoontje zo is overgekomen. ,,Het is en was nooit onze intentie haar in de kou te laten staan. Er is veel ruis op de lijn geweest. Ik heb hierover mijn excuses aan Yvette Lont aangeboden''.

Lont zegt zich na het gesprek weer thuis te voelen bij de CU. Ze stapt dan ook niet op. ,,Ik sta achter de partij en blijf alle ChristenUnie-standpunten uitdragen''. Volgens de verklaring zijn Lont en de ChristenUnie het ,,volledig eens over de politieke standpunten betreffende het homohuwelijk, abortus, prostitutie en overige thema's''.

Zowel Lont als Blokhuis hebben van de gebeurtenissen in de afgelopen week ,,veel geleerd''.

bron: Nederlands dagblad

3 september 2007

Yvette Lont, Ghaneze kerken en homosexualiteit

Yvette Lont zegt vandaag in het Parool dat zij zich in de kou gezet voelt door partijvoorzitter Peter Blokhuis.

Yvette opende vorige week in het Nederlands Dagblad de aanval op homo's en lesbiennes, door ze de geestelijke dood toe te wensen. Ook sprak ze over "genezing" voor een bepaalde groep homoseksuelen die uit lust en losbandigheid seksuele handelingen hebben verricht.

Deze harde uitspraken over homo's en lesbiennes werden zeer betreurd door André Rouvoet en de partijvoorzitter. In een verklaring schrijft het partijbestuur dat Lont ten onrechte als ChristenUnie politica naar buiten is getreden. In een toelichting zegt een woordvoerder dat ze onderscheid had moeten maken tussen haar theologische opvattingen en haar rol als politica.

De woordvoerder van de ChristenUnie zegt dat in een gesprek met het partijbestuur Yvette Lont duidelijk zal worden gemaakt dat uitspraken van lokale politici veel gevoeliger kunnen liggen, nu de christenUnie in de regering zit.

"Het is niet handig theologische uitspraken te doen onder de vlag van de ChristenUnie".

Het is meteen duidelijk met wat voor een partij Wouter Bos in de regering zit. Moet Wouter Bos in zijn eigen partij steeds meer opboksen tegen conservatieve meningen en gevoeligheden uit moslim-kringen, in de regering moet hij rekening houden met conservatieve meningen en gevoeligheden uit christenen-kringen.

De ChristenUnie vindt de uitspraken van Yvette Lont "niet handig".

Het komt ze niet goed uit, nu ze in de regering zitten. Inhoudelijk neemt de ChristenUnie dus geen afstand van de verwerpelijke brief van deelraadslid Yvette Lont.

Wat een lafheid en wat een hypocrisie!

Yvette Lont zegt ondertussen te overwegen uit de ChristenUnie te stappen. Toe maar vrouwtje, je bent niet de eerste die in de deelraad uit de partij stapt en doorgaat als onafhankelijk politicus. Er zit er nu alweer eentje die uit de SP is gestapt en ook onafhankelijk lid is. Die vrouw is zo gek als een deur dus dat matcht in ieder geval al goed.

Yvette Lont, als je niets tegen polygamie hebt (en je bent zo overtuigd van de goedheid van de heterosex, dat moet voor jou toch een echte uitdaging zijn!), waarom pols je dan niet de twee mannen van OZO niet of ze al weer rijp zijn voor een nieuwe overloper? (Mart en Wim, ik reken op de aanwezigheid van enige principes bij jullie, zodat Yvette toch eerst afstand zal moeten doen van haar bekrompen gedachtengoed voordat ze naar jullie mag overlopen)

Yvette Lont, met jouw gedachtengoed en opvattingen gebaseerd op een verkeerde interpretatie van het Oude Testament verloochen je de boodschap van Jezus Christus  en verontachtzaam je het gehele Nieuwe Testament. Jij moet je eerst eens bezinnen op je plaats binnen de kerk van Christus. Voor welke politieke partij je ook zult uitkomen, je zult eerst met je geloof in het reine moeten zien te komen.

Is Yvette Lont eigenlijke de enige in Zuidoost met soort bekrompen denkbeelden?

Nee, want Zuidoost is een voedingsbodem voor conservatieve christelijke ideeën die rechtstreeks uit donker Afrika zijn geïmporteerd. Een regio waar op homoseksualiteit nog steeds zware straffen staan (in sommige landen zelfs de doodstraf), waar AIDS hele bevolkingen uitroeit, waar mannen jonge meisjes ontmaagden om zogenaamd van hun HIV-besmetting af te komen. Kortom, een regio waar mensen zwaar gefrustreerd zijn over bepaalde gevoelens en die frustraties proberen weg te krijgen door extra hard af te zetten tegen openlijke homosexuelen.

Door die Afrikaanse invloed (bang voor het verlies aan status doordat men zelf voor homo wordt aangezien) staan de christenen uit de Bijlmer blij te klappen voor een boodschap die oproept tot haat.

Haat die vaak zelfhaat is. De haat van je eigen homosexuele kant. Dat biedt op het oog zekerheid en voldoening, maar diep in het hart wordt je een ongelukkig mens. Ik weet hoeveel ongelukkige mensen er zijn, die behoren tot allochtone gemeenschappen, waarin homosexualiteit onbespreekbaar is. Ik roep de PvdA in Zuidoost op om te laten zien dat zij op willen komen voor Ghanezen die hun Ghaneze kerk willen verlaten om dit soort conservatieve anti-homo denkbeelden.

Helaas zitten de Ghaneze kerken door middel van Ama Carr en Ernest Owusu-Sekyere vertegenwoordigd in de PvdA-fractie, met het oog op het te behalen aantal stemmen. Dat is wat mij zo tegenstaat aan de PvdA in Zuidoost.

Burgers over MADi en MZO

Burgers onder de Burgers

Ma 3 Sep 2007 - Lourens Burgers

Burgers onder de Burgers

Burgers onder de burgers

Bijzondere noden en ander leed
Het reces is ten einde. Op dinsdag 28 augustus vond alweer de eerste vergadering plaats in het nieuwe politieke jaar. Deze extra vergadering was bijeengeroepen op initiatief van de VVD, die een voordracht had voorbereid om te voorzien in de vacature van Pieter Litjens. OZO (voorheen Leefbaar Zuidoost voor de kiezers die op die partij hebben gestemd), CDA, CU en SP namen de gelegenheid te baat om een aantal ‘krantenknipsels’ in discussie te brengen.

Afscheid Litjens en welkom Jaensch
Tijdens het reces heeft Pieter Litjens de ambtsketen van Aalsmeer om zijn nek gehangen gekregen en is de VVD er in geslaagd om voor Pieter zijn opvolging in het DB een kandidaat te selecteren. Emile Jaensch heeft al geruime tijd ervaring opgedaan in het openbaar bestuur. Als oud-voorzitter van het stadsdeel Oud Zuid heeft hij moeilijke dossiers te verwerken gekregen die hem gepokt en gemazeld zullen hebben. De VVD heeft met haar voordracht van Emile Jaensch wederom uitdrukking gegeven aan haar verantwoordelijkheid als bestuurspartij. Wij wensen Emile Jaensch veel succes in Zuidoost.

Pieter vervangen zal niet eenvoudig zijn. De fractie van de PvdA heeft veel waardering voor de wijze waarop Pieter invulling heeft gegeven aan zijn portefeuilles en waarop hij heeft bijgedragen aan het collegiaal besturen door het DB. De stadsdeelfinanciën zijn op orde. Het milieubeleid van het stadsdeel is geactualiseerd. Het MTB heeft een enorme slag gemaakt. Niet alleen is dat zichtbaar in de veel schonere openbare ruimte. Het ziekteverzuim is tegelijk met sprongen gedaald. Volgens Pieter is dat natuurlijk in de eerste plaats een prestatie van het MTB zelf, de mensen die er werken en zich inzetten voor Zuidoost. Maar Pieter heeft toch de bestuurlijke verantwoordelijkheid hiervoor gedragen.

Het Muziekonderwijs
Het Muziekonderwijs wordt in Zuidoost verzorgd door het Muziekcentrum Zuidoost (MZO).
In de loop der jaren heeft het MZO tal van andere activiteiten ontwikkeld die buiten het stadsdeel om worden gefinancierd. MZO heeft zich hiermee zonder meer faam verworven, met alle waardering voor de directie. Per saldo echter zijn de kosten die MZO moet maken om zijn ambities te financieren structureel aanzienlijk hoger dan de inkomsten. De schulden bedragen op dit moment een slordige € 400.000,-- en lopen iedere maand verder op. Indien dit leidt tot een faillissement dan betekent dit dat de voortgang van het muziekonderwijs in het gedrang komt. De portefeuillehouder heeft de raad over de ontwikkelingen regelmatig geïnformeerd. Een in maart door de raad vastgestelde motie die de portefeuillehouder opdroeg alles in het werk te stellen om een verdere escalatie van de problemen bij MZO tegen te gaan, bleek tijdens de uitvoering niet uitvoerbaar. In juli vroeg MZO aan het stadsdeel het voor 2007 resterende subsidiebedrag vervroegd beschikbaar te stellen om aan de financiële verplichtingen te kunnen blijven voldoen. Het DB heeft tegen de achtergrond van de verslechterende financiële positie van MZO besloten aan dit verzoek niet te voldoen. Hierdoor blijven de middelen bestemd voor muziekonderwijs voor dat doel beschikbaar en worden deze niet direct door schuldeisers geconfisceerd .

In een motie van SP, CU, CDA en OZO vroegen deze partijen aan de raad uit te spreken dat de bevoorschotting toch wordt voortgezet. De fractie van de PvdA heeft samen met de VVD deze motie niet kunnen ondersteunen. Het vertrouwen in de goede afloop en de zorg om de continuïteit van het muziekonderwijs in Zuidoost lagen daaraan ten grondslag. De coalitie heeft meer vertrouwen in de door het DB voorgestelde doorstart, die de ongestoorde voortzetting van het muziekonderwijs beter zal garanderen.

Fraude bij Stichting Samenwerking voor Bijzondere Noden Amsterdam (SSBNA)
Begin augustus was er veel publicitaire aandacht voor fraude bij SSBNA een stedelijke organisatie, stedelijk gefinancierd, die met de haar beschikbare middelen mensen die overigens buiten de boot dreigen te vallen toch noodhulp kan verlenen: een vangnet heet dat. Vanuit andere organisaties kunnen mensen worden aangemeld die in aanmerking kunnen komen voor een voorziening. Onze eigen MaDi is zo’n organisatie.

In 2006 rees bij de directie van MaDi het vermoeden van onregelmatigheden met gelden voor noodhulp die via de SSBNA verstrekt worden aan cliënten van MaDi. MaDi heeft direct contact gezocht met betrokken organisaties en gezamenlijk is besloten Bureau Integriteit Amsterdam (BIA) in te schakelen. BIA heeft de vermoedens van fraude bevestigd. Vervolgens is aangifte gedaan bij de politie.

Verwacht had mogen worden dat vanuit de fracties lovende woorden waren gesproken over de assertiviteit van de directie van MaDi. Niets is minder waar. Zowel CDA als CU en SP hadden interpellaties voorbereid die het DB danig aan de tand wilden voelen omtrent de ‘Fraude bij MaDi’ en het gebrek aan doortastend optreden van het DB.
Nu is het natuurlijk uiterst ongebruikelijk dat een DB zich voortdurend bezig houdt met de interne gang van zaken bij een door het stadsdeel gesubsidieerde instelling (privaatrechtelijke rechtspersoon) anders dan te controleren of gebeurt wat er is afgesproken. Maar afgezien daarvan is er verder in het geheel geen sprake van fraude bij MaDi.

Iedereen – dus ook CDA, CU en SP - had kunnen weten hoe de vork in de steel zat. De hele raad was geïnformeerd door ons eigen stadsdeel, door directie en Raad van toezicht van MaDi en door het personeel van MaDi.
Onze portefeuillehouder Jude Kehla vond de vragen suggestief en misleidend en daardoor schadelijk voor het imago van het stadsdeel en van de prima werkende stichting MaDi. “Er is geen sprake van fraude bij MaDi en het stadsdeel heeft geen enkele bemoeienis met de kwestie”. Onze fractiegenote Maaike van Arnhem deed er nog een schepje bovenop door de suggestie van fraude bij MaDi niet alleen schadelijk te vinden voor het stadsdeel en van MaDi, maar vooral ook voor de mensen die gebruik maken van de diensten van MaDi bij armoedebestrijding en schuldhulpverlening.

Toch maar even de vraag aan de orde waarom CU, SP en CDA deze vragen toch hebben gesteld.
CU en CDA zijn nauw verbonden met ‘Er is hoop voor de toekomst’. Er is een manifeste spanning tussen deze voedselbank en het stadsdeel. Van de kant van ‘Er is hoop’ is in de pers aangegeven dat klanten van ‘Er is hoop’ niet worden doorverwezen naar MaDi. Hiermee wordt de klanten van ‘Er is hoop’ hoop onthouden die MaDi voor betrokkenen zou kunnen geven.
De SP onderhoudt nauwe banden met het Service Platform, een organisatie die door het stadsdeel wordt gesubsidieerd en die het als taak voor zichzelf ziet om mensen die buiten de boot dreigen te vallen te kunnen ondersteunen. Ook hier een concurrentie tussen twee organisaties die zich met dezelfde doelgroep bezig houdt. En passant liet de portefeuillehouder weten dat het Service Platform nog niet zijn kwartaalverslag had ingediend. In de subsidiebeschikking is een dergelijke verslaglegging wel als verplichting opgenomen. Het zal mij benieuwen of de SP op grond van deze informatie het DB zal vragen welke maatregelen genomen worden om inzicht te houden in de besteding van de subsidie aan het Service Platform.

De Boer nog eens gevraagd naar het waarom van zijn interpellatie. Hij had gewoon wat vragen gesteld en had nu antwoord gekregen. Hij had zich dus:
• niet terdege geïnformeerd over deze kwestie
• geen rekenschap gegeven van de schade die zijn vragen voor betrokkenen kan hebben
• niet bekommerd over de politieke context van zijn interpellatie.
Maar hij heeft ons wel veel inzicht gegeven in de wijze waarop hij in Zuidoost CDA-politiek bedrijft.

Lourens Burgers

copyright:

http://www.amsterdam.pvda.nl/afdeling_nieuwsbericht/4614/zuidoost

30 augustus 2007

Yvette Lont (christenunie) wenst homo's dood

Je bent allochtoon deelraadslid, je hebt een verleden als heroine verslaafde en al snel ben je fractievoorzitter van de ChristenUnie Amsterdam-ZuidOost. U weet wel de partij die zoveel naastenliefde op haar programma heeft staan. Je naam is Yvette Lont.

Als allochtoon politica is de Bijlmer dan al snel te klein, op naar het grotere werk moet Yvette Lont gedacht hebben. Op welke groep geeft een ex-heroine verslaafde en allochtoon deelraadslid af?

In het Nederlands Dagblad schrijft ze over homoseksualiteit:

'Evangelisten hebben goedkope en snelle genezingen geboden. Ik zou zeggen: Gelukkig maar! Genezing was nodig voor een bepaalde groep homoseksuelen die uit lust en losbandigheid deze seksuele handelingen hebben verricht en zich van deze wandel hebben bekeerd.

Er zijn er velen die nu getrouwd zijn, kinderen hebben en in de dienst van de Heer staan. Anderen zullen ervoor kunnen kiezen vanwege hun geaardheid of niet volgroeide of verkeerde genitaliën, geboren in een verkeerd lichaam etc, celibatair te leven, zoals ook de eunuch volgens de Bijbel.

,,Hebt gij niet gelezen, dat de Schepper hen in den beginne als man en vrouw heeft gemaakt?' Dat is van den beginne Gods doel en intentie geweest. Dat is het beeld van Christus en zijn gemeente. Bruidegom en bruid. Niet bruidegom en bruidegom.

Ja, God haat deze zonde, en het verdient de 'geestelijke' dood. '

Aldus Yvette Lont, deelraadslid in de stadsdeelraad van Amsterdam Zuidoost. Wederom bezorgt een politica de Bijlmer een slechte naam en toont zij aan dat juist allochtonen bijzonder onverdraagzaam kunnen zijn.

Images_1

Verzijl verstrekt onjuiste informatie aan raad

Muziekcentrum Zuidoost

Stichtingen:

stichting Muziekcentrum Zuidoost

stichting Vrienden van de Muziekschool Zuidoost

stichting Instrumentenfonds Leerorkest

stichting Leerorkest

Al deze stichtingen zijn officieel (volgens het door een ieder te raadplegen handelsregister) gevestigd op het adres Hofgeest 139. Volgens portefeuillehouder Harry Verzijl (in de deelraadsvergadering van 28 augustus 2007) waren de twee laatste stichtingen gevestigd op het huisadres van Marco de Souza. Dit is pertinent onjuist en daarmee heeft Harry Verzijl de deelraad onjuist geïnformeerd.

Volgens Harry Verzijl stonden de twee laatste stichtingen onder beheer danwel onder de hoede van Marco de Souza persoonlijk. Dit suggereerde Harry Verzijl. Dit is onjuist. Want de stichtingen staan in het handelsregister officieel geregistreerd op het adres van het Muziekcentrum aan Hofgeest 139 en worden gecontroleerd door dezelfde commissarissen als het Muziekcentrum zelf.

Wie zij de bestuurders en wie zijn handelingsbevoegd bij de stichtingen?

stichting Muziekcentrum Zuidoost (MZO):

bestuurder: Marco de Souza

commissarissen:

Marianne de Bock

Ferdinand Spanjerberg

Ramdas Sansaar

stichting Vrienden van de Muziekschool Zuidoost:

bestuurders:

Ferdinand Spanjerberg

Sabina Sorber

Monica van Parera-Tjen A Kwoei

stichting Instrumentenfonds Leerorkest:

bestuurders:

Ina Brouwer

Klaas Verheij

Jeroen Meijer Timmerman Thijssen

commissarissen:

Nenita La Rose-Lont

Sabina Sorber

Marianne de Bock

Ferdinand Spanjerberg

Ramdas Sansaar

stichting Leerorkest:

bestuurders:

Ina Brouwer

Klaas Verheij

Jeroen Meijer Timmerman Thijssen

commissarissen:

Nenita La Rose-Lont

Sabina Sorber

Marianne de Bock

Ferdinand Spanjerberg

Ramdas Sansaar

Wat opvalt is dat de lijst met commissarissen (die dus toezicht houden op het functioneren van de bestuurders) bij alle stichtingen in ieder geval twee namen herbergt:

Marianne de Bock en Ferdinand Spanjerberg.

Daarnaast is Ferdinand Spanjerberg bovendien bestuurder van de stichting Vrienden van de Muziekschool Zuidoost.

De Muziekschool Zuidoost is in 1987 opgericht. De eerste bestuurders waren Jaap van der Aa, Annemarie Velthuijzen-Van IJsendoorn en Frans van der Hoogte. Het is dan ook niet onwaarschijnlijk dat bij het aanstellen van een kwartiermaker Harry Verzijl allereerst een beroep zal doen op één van deze personen die hiervoor genoemd is en die toevallig een prominent PvdA-er is en die vaker voor dit soort klusjes wordt ingehuurd.

Harry Verzijl mag dus van de PvdA en VVD fracties ongestraft raadsbreed aangenomen moties naast zich neerleggen en een andere koers kiezen. Maar mag hij ook de deelraad onjuist informeren?

29 augustus 2007

Jude Kehla niet verantwoordelijk?

Jude Kehla kon zich tijdens de raadsvergadering van 28 augustus 2007 niet beheersen en viel in harde bewoordingen uit tegen de oppositie. Hij beschuldigde de oppositie, met name Evert Hartog van de SP en Henk de Boer van het CDA van het spelen van politieke spelletjes louter en alleen met het oog op het beschadigen van het stadsdeel Zuidoost.

Hij wenste niet verantwoordelijk te worden gehouden voor de fraude gepleegd op individuele basis door 4 mensen, resorterend onder directe en indirecte verantwoordelijkheid van MADi.

Zoals ik al eerder elders heb uitgelegd, is MADi een gesubsidieerde instelling. Het stadsdeel betaalt MADi voor 50%, DMO de andere 50%. Voor schuldhulpverlening kan MADi bovendien een beroep doen op een speciale stichting gericht op het nodigen van leed. Bij deze stichting werden valse declaraties ingediend. Deze structurele fraude vond jarenlang plaats. Vanwege de grote zelfstandigheid van de schuldhulpverleners was het moeilijk om de fraude te ontdekken, omdat deze fraude ook niet viel te ontdekken in de jaarstukken.

Gezien de verantwoordelijkheid van gesubsidieerde instellingen om zelf de bedrijfsvoering op orde te krijgen (zie bijvoorbeeld MZO, blijkbaar gelden er voor de oppositie verschillende maatstaven voor de positie ten opzichte van het stadsdeel al gelang naar de samenstelling van de publieke tribune) had het stadsdeel geen rol in de fraude.

De boosheid van Jude Kehla over de vragen van Henk de Boer en Evert Hartog was dan weliswaar begrijpelijk, maar hielp hem niet. Beter was het geweest als Jude de discrepantie had opgemerkt tussen de stellingnames van de oppositie in de twee dossiers van respectievelijk MZO en MADi. In het ene dossier moet het DB volgens de oppositie vooral fungeren als bodemloze subsidieput, in het andere geval moet het DB voorkomen dat er bij een gesubsidieerde instelling fraude plaats vindt, moet de gesubsidieerde instelling elke uit te geven cent verantwoorden en is de portefueillehouder verantwoordelijk voor elke verkeerd uitgegeven cent.

Er had een leukere en aangenamere discussie kunnen plaatsvinden. Helaas beschikt Jude Kehla Wirnkar niet over de discussietechniek en het improvisatietalent van een goede politicus.

28 augustus 2007

Harry Verzijl moeiteloos overeind

Zoals verwacht bleef Harry Verzijl moeiteloos overeind. In de vergadering van de stadsdeelraad van 28 augustus 2007 bleef hij kalm en rustig zijn preadvies voorlezen, ondanks het ongeduld van de heer Wim Mos.

Harry Verzijl kwam met een duidelijk verhaal waaruit bleek dat Marco de Souza publiek geld doorsluisde naar drie stichtingen die gevestigd zijn op het privé adres van hemzelf.

Dit heeft hij het stadsdeel nooit verteld.

Bovendien bleven de uitgaven stijgen, klopte het resultaat in de jaarrekening over 2006 op het moment van indienen in juli 2007 al niet meer met de begrotinmg voor 2007 en is er sprake van een schuld van 430.000 euro bij schuldeisers als het pensioenfonds, de belastingdienst en het UWV.

Kortom: Het geld dat bestemd is voor het pensioen en de sociale verzekeringspremies van zijn werknemers verdwijnt in stichtingen van Marco de Souza die geen relatie hebben met MZO. Als MZO straks failliet gaat, dan zit een groot deel van het geld dat het stadsdeel aan de ontslagen werknemers moet betalen in de  geldzak van Marco de Souza.

Gelukkig bleken de PvdA en de VVD niet gevoelig voor de politieke spelletjes van de oppositie en werd de motie van de oppositiepartijen verworpen. Blijkbaar spelen voor de oppositie de belangen van de werknemers van MZO een minder grote rol dan de scoringsdrang voor de publieke tribune.

26 augustus 2007

discutabele stellingen in BING-rapport

Hierna volgen enkele stellingen die ontleend worden aan de visie die BING heeft op het onderwerp en die van belang zijn voor het onderzoek van BING naar de juistheid van conclusies van de rekenkamer. Na de stellingen die rechtstreeks uit het BING-rapport afkomstig zijn, volgt in vette letters het commentaar van een kritisch lid van de maatschappij.

1. Belangenverstrengeling is een veel voorkomend fenomeen. Elk raadslid heeft verschillende belangen: privé-belang, een buurtbelang, een partij-ideologisch belang. Er is eerst van een onwenselijke belangenverstrengeling sprake indien een persoonlijk belang de objectiviteit van het besluitvormingsproces bij een onderwerp van algemeen belang belemmert dan wel dat de schijn daarvan wordt opgeroepen.

commentaar GK op stelling 1:

Belangenverstrengeling wordt door BING gerelativeerd. Het komt volgens BING vaak voor en is heel normaal. Soms is het minder wenselijk, dat wel.  Dit is de eerste relativering van de conclusies van de rekenkamer.

2. Vanwege negatieve lading van het begrip ‘belangenverstrengeling’ in het spraakgebruik enerzijds en vanwege de vele aspecten die van invloed zijn bij een beoordeling van een casus waarin mogelijke verstrengelde belangen een rol spelen anderzijds, concludeert BING niet of zelden met het samenvattend oordeel ‘belangenverstrengeling’. Eventuele strijdigheid met de normen wordt door ons benoemd, met vermelding van de context en de specifieke strijdigheid zoals strijdigheid met bepaalde wetsartikelen of kernbegrippen van integriteit (zorgvuldigheid, onafhankelijkheid, e.d.).

commentaar GK op stelling 2:

Eigenlijk mag een normaal mens niet zo snel van "belangenverstrengeling" spreken. Daar is zoveel nuance, kennis van zaken en begrip van de zaak voor nodig, dat zelfs een gerenomeerd onderzoeksbureau als BING zich niet durft uit te spreken over "belangenverstrengeling". Het gebruik van het woord "belangenverstrengeling wordt door BING tot taboe verklaard.

3. Er bestaat geen vastomlijnd normenkader, geen model dat via een ja/nee benadering leidt tot een eenduidige conclusie of een bepaald gedrag met betrekking tot nevenfuncties of -activiteiten goed of fout is. Het tegendeel is naar onze mening het geval: een dergelijk model leidt eerder tot een kwalitatief slechte dan een goede conclusie.

commentaar GK op stelling 3:

BING raadt het af om te spreken van "goed" of "fout". Er bestaat geen vastomlijnd normenkader, dus volgens BING geldt in Zuidoost blijkbaar de (Nederlandse) wet niet. Je moet maar durven....

4. Het uitvoeren van een vrijwilligerstaak - niet zijnde een onbetaalde functie als penningmeester, secretaris, e.d. - zal in het algemeen niet aangemerkt worden als een meldenswaardige nevenfunctie of nevenactiviteit, maar kan in bepaalde omstandigheden wel de betreffende bepalingen in de Gemeentewet, Awb en gedragscode inzake besluitvorming van toepassing doen zijn.

commentaar GK op stelling 4:

Logisch. Eindelijk een duidelijke stellingname.

5. Niet elke ‘niet melding van een activiteit’ kan derhalve beschouwd worden als een overtreding van de regelgeving.

commentaar GK op stelling 5:

BING zou het onderzoek van de Rekenkamer toch niet overdoen? BING gaat op de stoel van de rekenkamer zitten en meent dat er bij voorbaat in een groot aantal van de gevallen er helemaal geen sprake van een overtreding hoeft te zijn, als je maar genoeg door relativeert.

6. Het is naar onze mening bezwaarlijk het ‘persoonlijke voordeel’ te onderscheiden, laat staan te scheiden, van het ‘persoonlijke belang’. In tegendeel: de term ‘persoonlijk voordeel’ dient naar onze mening vermeden te worden omdat deze term associaties oproept met ‘persoonlijke verrijking’ en ‘oneigenlijke toe-eigening’. In de casus Zuidoost is de term ‘persoonlijk voordeel’ door de media en andere betrokkenen ook als ‘persoonlijke verrijking’ opgevat.

Vooraf - en bij een incident achteraf - dient de aard en omvang van het persoonlijke belang, waar een persoonlijk in geld te meten voordeel een onderdeel van kan zijn, in zijn geheel te worden beoordeeld.

commentaar GK op stelling 6:

Volgens BING is een persoonlijk voordeel niet altijd oneigenlijk, en dus moeten we maar helemaal niet meer spreken van "persoonlijk voordeel". Alweer wordt het gebruik van een woord door BING verboden. Verzachtend taalgebruik. Ambtelijk proza. vergoeilijkend. Relativerend. Het valt wel mee.

7. Het is naar onze mening bezwaarlijk het begrip ‘organisatorisch voordeel’ te hanteren. Het hanteren van het begrip roept mogelijk de suggestie op dat de organisatie door sturing via een raadslid op oneigenlijke wijze een subsidie verkrijgt of tracht te verkrijgen die zij, bij een correcte toepassing van melden/niet stemmen, niet gekregen zouden hebben. Dat een organisatie een voordeel geniet in de vorm van een subsidie is een onderdeel van het persoonlijke belang van een bestuurder.

commentaar GK op stelling 7:

Dit is juist de kern van de zaak. Andre Bohla heeft door zijn raadswerk subsidie bewerkstelligt, die hij als normaal lid van de samenleving niet had gekregen. Maar volgens BING mogen we het daar niet over hebben. Schandalige onder de tapijt veeg-actie!

8. Bij een besluitvorming in de raad waarbij van meet af aan duidelijk is wat de mening is van een overgroot deel van de raad, zou het niet onttrekken aan de beraadslagingen en de stemming wellicht als niet laakbaar kunnen worden gezien.

Het onttrekken aan de besluitvorming is echter van belang: 

1. omdat daardoor een overtreding van de wet vermeden wordt;

2. omdat dat een signaal van zorgvuldigheid afgeeft;

3. omdat dat het risico van ‘schijn van gebrek aan onpartijdigheid’ wegneemt;

4. omdat dat de collega-raadsleden niet in verlegenheid brengt: zij dienen immers er voor te waken dat persoonlijke belangen de besluitvorming beïnvloedt.

Als de litigieuze stem geen (enkele) invloed heeft gehad op de uitslag van de stemming kan dat uiteraard wel van invloed zijn bij het bepalen van de sanctie c.q. de politieke consequenties. Als de collega-raadsleden gedogen dat raadsleden zich ten onrechte niet onttrekken aan stemmingen zondigen zij niet alleen tegen art 2:4 Awb maar dan worden zijn als het ware ook ‘medeplichtig’.

commentaar GK op stelling 8:

Mart van de Wiel, Maria Tichelaven en Wim Mos zijn medeplichtig aan de belangenverstrengeling (waar we volgens BING eigenlijk niet meer van mogen spreken) van Egbert Doest, Andre Bohla en Mala Eckhardt. Dit is een vorm van een jij-bak.

9. Bij het kandidaatstellen en bij verkiezing in de raad spelen de partijleiding, de griffier en de ervaren collega’s een belangrijk rol: de kandidaten dienen op de hoogte te worden gebracht van de verschillende spelregels en de grijze gebieden dienen met hun hulp te worden ingekleurd. Een en ander met in stand houding van de eigen verantwoordelijkheid van de kandidaat c.q. het raadslid.

commentaar GK op stelling 9:

Nu blijken in de optiek van BING Ruud Koole, Harry Verzijl en de griffier verantwoordelijk voor de overtredingen van de relatief "onervaren"(sic) Andre Bohla? 13 jaar lidmaatschap en dan nog steeds van niets hoeven te weten? De man heeft zijn hele leven les gegeven aan anderen maar wist zelf van niets? Als het er op aankomt hoeft hij niets te weten?

21 augustus 2007

De PvdA kiest geen koers (2)

Ik voel mij gedwongen iets te zeggen over de neergang van mijn vroegere partij.

De PvdA is ontegenzeggelijk in een vrije val terecht gekomen. Mensen die voor behoud van de verzorgingsstaat staan, kiezen massaal de SP. De PvdA heeft namelijk de laatste vijftien jaar duidelijk gekozen voor afbraak van de verzorgingsstaat.

De PvdA staat synoniem voor de overheid, voor het ambtenarenapparaat. Een overheid die middels een oncontroleerbaar subsidiestelsel miljarden in verkeerde zakken doet belanden. Een onbetrouwbare overheid, die slecht presteert, grote problemen niet weet op te lossen, geen keuzes durft te maken en veel te veel geld uitgeeft. De PvdA staat als ambtenarenpartij synoniem aan een steeds slechter presterende maar tegelijktertijd steeds alomvattender aanwezige overheid.

De PvdA blijkt bovendien bevolkt met profiteurs en fraudeurs. Mensen die een goed inkomen verdienen door zichzelf geld toe te schuiven als volksvertegenwoordiger, maar ook steeds meer door als "organisatie-adviseur", "bestuurslid", "lid van de raad van toezicht", "directeur van een welzijnsstichting" en in vele andere hoedanigheden door partijgenoten zichzelf te doen laten inhuren.

Zuidoost is geen uitzondering. Ook leden van de gemeenteraad hebben dubbele petten op, tot en met de fractievoorzitster van de PvdA. De vriend van de fractievoorzitster Manon van der Garde krijgt dankzij moties van zijn vriendin weer tal van leuke opdrachten toegeschoven. Goh, waar kennen we dat van?

Zou het tij nog eens keren? Zou de pvdA kiezen voor een duidelijk progressief verhaal, met oog op de eigen verantwoordelijkheid van de mens? ik denk het niet.

Politiek bedrijven gaat steeds meer om geld. Geld dat je jezelf of vrienden kunt toeschuiven als je de macht in handen hebt. De overheid als grote zak met geld staat steeds meer gelijk aan de politiek. Ambtenaren zijn politici, politici waren daarvoor ambtenaren. Men kent elkaar allemaal.

En dus verandert de PvdA langzamerhand van een progressieve partij in een conservatieve partij. Democratische procedures veranderen in pure machtspolitiek. Gevestigde (financiele) belangen zijn onaantastbaar. Er wordt een keihard machtsspel gespeeld. Lobbyen, netwerken tot je een ons weegt, bepaalde cafées bezoeken, de krant inschakelen, persoonlijke aanvallen, weblogs manipuleren, alles is geoorloofd.

In woord en geschrift is de PvdA echter wel degelijk een progressieve partij te noemen. Alleen wordt er al 15 jaar niet naar gehandeld. En de tendens gaat in de richting van het CDA. Een zwalkende middenpartij, bedoeld om gevestigde belangen te behartigen.

Dus als er op afdelingsvergaderingen van de PvdA gestemd moet worden, wordt er niet gestemd vanwege te behalen doelen op basis van ideologisch gedachtengoed. Welnee, er wordt gestemd vanuit hun loyaliteit richting bepaalde personen en vanuit hun portemonnee. Subsidie is bedoeld om een auto mee te kunnen aanschaffen. Of om als een Robin Hood op kosten van de gemeenschap je eigen mensen te bedelen. Alles is te koop. Als je aan de macht bent, dan zorg je er voor dat je opgehemeld wordt. Want jij bent de messias!

De eenzijdige claim van de overheid van een grote groep mensen in de Nederlandse bevolking op de overheid voor de oplossing van al hun problemen wekt aversie op bij een grote groep kiezers. Kiezers die ook zien dat volksvertegenwoordigers en hun vriendjes onder het mom van solidariteit met de allerzwaksten vooral voor zichzelf goed zorgen.

Wouter Bos sprak voor de verkiezing van de leden van de tweede kamer mooie woorden. Ze staan nog steeds op mijn weblog:

Fragment speech Wouter Bos op congres 1 oktober 2006:

'Ik kom elke dag zat mensen tegen die solidair willen zijn met anderen.

Mensen die vinden dat Nederland een killer land is geworden.

Die graag iets doen om mensen die in de hoek zitten waar de klappen vallen er bovenop te helpen.

Die willen dat het henzelf goed gaat, maar dat ook een ander gunnen.

Toch zeggen zij er wel steeds twee dingen bij: ze willen zich gesteund voelen door de politiek en het geld moet goed terecht komen.

Als er iets is dat mij aanspreekt in ons verkiezingsprogramma dan is het precies dat.

Wij spreken mensen niet alleen aan op hun verantwoordelijkheid voor hun eigen leven maar ook op de verantwoordelijkheid die ze voor de samenleving als geheel willen nemen.

Wij vragen mensen om solidariteit.

Maar we stellen daar twee dingen tegenover.

Allereerst een snoeiharde aanpak van alles wat riekt naar misbruik, asociaal gedrag en fraude.

En ten tweede een overheid waar goedwillende burgers onvoorwaardelijk op kunnen rekenen.'

Ik roep Wouter Bos op om zijn woorden eindelijk eens waar te gaan maken. Bijvoorbeeld in Zuidoost. Maar ook richting minister Bert Koenders. Misschien dat de pvdA dan weer eens zal herstellen. Want hij ziet het wel goed, maar doet er geen moer aan. En dat straffen mensen direct keihard af. Want dan komt hij nooit af van het imago van een draaikont.

PvdA kiest geen koers (1)

Waarom de vrije val van de PvdA niet te stoppen is

dinsdag 21 augustus 2007 09:00

Er rust een vloek op de kabinetten van Balkenende. Eerst was de LPF de onstabiele partner, daarna werd deze rol door de VVD overgenomen.

En nu is de PvdA aan de beurt. Dankzij deze partij strooit het kabinet met geld; ministers gaan gedurende honderd dagen op bezoek bij het volk; ze laten 26.000 asielzoekers toe en paaien de ego’s van alle moslims. Nederland wordt zelfs bijna tot een islamitisch land verklaard.

En toch is de vrije val van de PvdA  niet meer te stoppen. Volgens de laatste peiling van Maurice de Hond zou de PvdA, als er nu verkiezingen worden gehouden, nog maar 23 zetels halen. Nu hebben ze nog 33 zetels.

De Partij van de Vrijheid van Geert Wilders, de meest gevreesde opponent van de PvdA, heeft nu in dezelfde peiling 19 zetels. Wilders staat niet ver van de PvdA.

Nachtmerrie
Het is even wennen voor Wouter Bos. Het was ooit anders. Ook is dit een nachtmerrie voor premier Balkenende. De grootste partner die in de peilingen verliest, wordt nerveus en gaat zich hysterisch gedragen. Alles wat er met de PvdA is afgesproken, komt dan op losse schroeven te staan.

Wat is de oorzaak van de crisis binnen de sociaal-democratie? Komt het door de incompetentie van Wouter Bos? Nee.

De PvdA is al lang in crisis. Sinds de komst van Pim Fortuyn verkeren ze in de problemen. Over een aantal cruciale punten was de PvdA niet in staat een helder beleid te formuleren:

1.      Integratie van minderheden Daarbij moeten we denken aan het verminderen van de criminaliteit onder de minderheden. Het bestrijden van de radicale islam en radicale moskeeën. Het bevorderen van tolerantie bij de moslims jegens andersdenkenden en landgenoten met andere seksuele geaardheid.

2.      De economisering van  immigratie Het is de PvdA niet gelukt om het asielbeleid te beperken tot de personen die het nodig hebben: de echte politieke vluchtelingen. En ook heeft de partij geen immigratiebeleid in economische termen tot stand gebracht. Daarvoor moet namelijk de sociale verzorgingsstaat worden aangepast.

3.      Het verdedigen van onze grondwettelijke waarden zoals de vrijheid van meningsuiting voor andersdenkenden. Het onvermogen van de sociaal-democratie om op geciviliseerde en verantwoorde manier met Ehsan Jami om te gaan, behoeft inmiddels geen enkele toelichting.

4.      De hervorming van de verzorgingsstaat Sinds de moord op Pim Fortuyn hebben de PvdA'ers voldoende tijd gehad om een serieuze respons te geven op de essentiële vragen die door Fortuyn in het leven zijn geroepen. Dat hebben ze niet gedaan, ze hebben daartoe zelfs geen poging gewaagd. Toen ze in 2006 de raadsverkiezingen wonnen, dachten ze dat daarmee ook de problemen waren verdwenen. Hierdoor heeft de PvdA een merkwaardige vorm van bezinning ontwikkeld: geen standpunt is het beste standpunt.

Het wordt een spannend en mooi parlementair jaar.

Afshin Ellian

copyright: www.elsevier.nl

Laatste reacties

Laatste berichten

Neem inhoud van deze site over (XML)

Mijn online status